Magie, het verhaal van Raaf; vorige publicatie 1 t/m 19

Belangrijke mededeling: de website verhuist per + 1 mei naar een nieuw hostingplatform i.v.m.  vergroting van snelheid.  De website kan dan niet meer toegankelijk blijken omdat aanpassing mij niet lukt. Mocht je stukjes gaan missen (de laatste komen op 1 en 15 mei) : mail me dan via topvandeberg@kpnplanet.nl

  1. Het belangrijkste besluit uit mijn  leven.

Ik liep als student op een warme, zonnige ochtend door de Jan Luyckenstraat in Amsterdam. De wereld was goed. Ik voelde hoe plotseling mijn hart een sprongetje maakte. Een soort korte onregelmatige versnelling. Even later was alles weer normaal. Maar het gebeurde vaker. Het maakte me niet angstig, het maakte me niet bezorgd. Het leidde wel tot, wat later, een van de belangrijkste besluiten uit mijn leven bleek. Ik besloot dat dit kwam doordat ik niet in harmonie met mezelf en met de buitenwereld was. En mijn besluit was dat ik hier iets aan moest doen. Dat besluit ben ik altijd trouw gebleven. Overigens ging ik ook naar een arts.

Ik studeerde af en ging een aantal jaren naar de tropen. Na vier jaar kwam ik terug en was een aantal intense ervaringen rond mijn hartritmestoornissen rijker. Het ging niet goed. Op een gegeven moment gingen ze niet weg Mijn hartritme bleef onregelmatig. Dag in dag uit. Medische hulp bracht me een electroshock. Het hielp. De arts was blij en tevreden. Maar een aantal weken later ging het weer mis. Wat te doen? Ik kon toch niet om de paar weken naar het ziekenhuis voor een electroshock. Dagen later ging ik toevallig zwemmen. Tijdens het zwemmen werd mijn hartritme weer normaal. Ik deed een belangrijke ontdekking. Als ik last had van mijn hartritme moest ik het een tijdje laten gaan, b.v. een dag. Daarna moest ik iets ritmisch en inspannends gaan doen, b.v. fietsen, joggen of zwemmen. Dan ging het weer goed.

Mijn huisarts wist een andere oplossing: hij schreef me medicijnen voor. Die zou ik de rest van mijn leven moeten slikken. Hij werd echt kwaad toen ik dat niet wilde. Het waren de best onderzochte medicijnen en ze hadden nauwelijks bijwerkingen. Waarom deed ik zo moeilijk?

Ik veranderde van huisarts en kwam bij een antroposofische arts terecht. Die begreep me, dacht mee en hielp me op verantwoorde wijze mijn medicijngebruik af te bouwen. Daardoor kreeg ik wel regelmatig last van een te snel of onregelmatig kloppend hart. Maar ik had nu uitgevonden dat ik er iets aan kon doen. Dat ben ik al die jaren erna ook blijven doen. Maar het “belangrijkste besluit van mijn leven” bracht me wel op een pad van zelfonderzoek en zelfontplooiing. Ik deed aan praatgroepen, communicatie trainingen, Gestalt, meditatie, ging aan yoga doen en werd daardoor zo geïnspireerd dat ik de leraren opleiding ging volgen zonder yogaleraar te willen worden. Ik werd het wel. Maar bleef zoeken. Soms had ik toch wel veel last, soms werd ik helemaal wanhopig. Ik deed van alles, voelde me er steeds beter bij, maar één ding veranderde niet, nooit: mijn hartritme stoornissen bleven een constante. Ze werden niet erger, maar ook niet beter. Vrienden zeiden: houd er toch mee op. Je ziet dat het niet helpt. Maar als ik dan diep in mezelf luisterde, was er een stem die zei: vertrouw; je zit op de goede weg. Ik vertrouwde die stem. En bleef zoeken en doorgaan. Tot ik door een magische samenloop van omstandigheden een artikel over sjamanisme las. Ik herkende de dingen die daarin verteld werden en besloot een weekend mee te doen. Het begon op een vrijdagavond. Binnen een uur voelde ik me voor het eerst van mijn leven thuis! Vijftien jaar had ik gezocht, van alles geprobeerd. Als ik terug keek op alles wat ik gedaan had, kon ik zien dat ook alles een positieve bijdrage had geleverd aan de verbetering van mijn levensomstandigheden. En dat het me uiteindelijk bij het sjamanisme had gebracht: mijn nieuwe huis, thuis.

Vervolgens werd ik stevig op het pad van het sjamanisme gezet door een keten van magische gebeurtenissen, waar ik niet meer omheen kon. Gebeurtenissen die mijn ratio niet kon plaatsen. Na een jaar moest mijn ratio zich overgeven: er is een andere “magische” werkelijkheid. Dit boek gaat over die magische werkelijkheid. Magisch als een fenomeen dat wetenschappelijk niet kan en tóch gebeurt!

En dan blijken veel meer mensen “magische” ervaringen te hebben. Maar ze zijn het zich niet bewust of ze noemen het niet zo. Of ze durven er niet echt over te praten. Bang uitgelachen te worden.

Voor die mensen is dit boek in de eerste plaats. Want ze zijn niet de enige. Steeds meer mensen komen er voor uit. Steeds meer mensen maken iets “magisch” mee. Het is niet meer te houden. Eigenlijk is magie iets heel gewoons, iets alledaags. De rest van de wereld wist dat al. De westerse wereld begint het schoorvoetend toe te geven.

 

  1. Hoe zullen we “HET” noemen?

Parallelle werelden? Stephen King weet er alles van. Deze schrijver is niets te gortig. Misschien weet hij er veel meer van dan ikzelf. Misschien heeft hij toegang tot werelden waar maar weinigen op deze aarde toegang toe hebben.

Morfogenetische velden? Dan kijken we naar de wetenschapper Rupert Sheldrake. Alles en iedereen is met elkaar verbonden via energetische velden. Niet zo’n onwetenschappelijk idee. Alles is immers energie.

Ik ga nog een stap verder.

Er is een energetisch veld, waarin veel kan gebeuren, waarin dingen plaatsvinden die we magisch noemen. Meer nog: er zit ook een intelligentie in, die er sturing aan geeft. Die zorgt dat er dingen in mijn leven gebeuren, die ik niet voor mogelijk had gehouden.

Een dode houtsnip voor mijn keukendeur in het centrum van Rotterdam. Een vleugel (fazant) gevonden tijdens een fietstocht in Denemarken en een volstrekt identieke vleugel voor mijn treincompartiment op het perron van het station in Kopenhagen vijf dagen later. Een vleermuis die mijn haar aanraakt, een sneeuwuil, die uit zichzelf voor mij op een reling gaat zitten tijdens een roofvogelshow in Engeland.

Het zijn voorvallen, die (bijna) onmogelijk zijn, op zijn minst erg onwaarschijnlijk. Maar vooral de optelsom van deze voorvallen in mijn leven zet de statistiek buiten werking. De kans dat al deze voorvallen bij één mens plaatsvinden, kan statistisch gezien niet!

Het is magie. Daar gaat dit boek over. En over verwondering, over verbazing, verbijstering. Ongeloof. Geen antwoorden hebben. Maar veel voorbeelden. Heel veel voorbeelden van anderen en van mij over magie. Over de aanwezigheid van magie in een technologische, wetenschappelijke wereld. En een oproep: “open je voor deze magie”. Meer hoef je niet te doen. Duw het niet (meer) weg. Het is er voor iedereen. De parallelle wereld bestaat echt!

Ik begrijp het als je me niet gelooft, maar het zal je veel brengen, het heeft je veel te bieden als je me wel gelooft.

  1. Christendom

 Eén van de merkwaardigste kanten van het Christendom vind ik het onvoorwaardelijke geloof in de Bijbel als Gods woord.

Het is duidelijk dat veel, zo niet alle oude volken een mythologie kenden, die zicht gaf op het ontstaan van de wereld en de mensheid. Ik ben verbonden met de Navajo indianen en ook zij hebben een prachtige mythologie waarin “Spider Woman” een hoofdrol speelt.

Het is nog niet zo ’n gek idee om de schepping toe te schrijven aan een vrouw of Godin, dat is zelfs biologisch gezien nogal logisch. Voor zover ik weet is het Christendom ook de enige religie (uiteraard naast het Jodendom) waarin de vrouw uit de man voortkomt. In alle andere religies komt de man uit de vrouw voort.

Daarnaast is, ook al door de dode zee rollen steeds duidelijker dat het niet één tekst betreft, op één bepaald moment door God gedicteerd. Maar dat het teksten betreft waar in oude tijden al verschillend over werd gedacht en over werd gediscussieerd. In de loop van de tijd zijn er een aantal teksten uitgekozen, die de huidige bijbel vormen.

Ik ben Nederlands hervormd opgevoed. Bij ons thuis betekende dat iedere zondagochtend naar de kerk. Als kind kan je de dienst met preek niet volgen. Dus kerk betekende: stil zitten en me vervelen. Na mijn pubertijd had ik dan ook een soort allergie voor het instituut kerk en daarmee ook voor de bijbel. Eigenlijk was dat heel nuttig, want ik had wel interesse in de essentiële vragen van het leven. De allergie zorgde ervoor dat ik een levendige interesse had in andere religieuze/spirituele stromingen. En dus ook voor sjamanisme toen dat op mijn pad kwam.

Inmiddels ben ik me meer gaan verdiepen in het christendom en de bijbel en kom ik er, op mijn manier, goed mee uit de voeten.

Voor mij ligt nu de essentie van het Christendom in de kruisiging en opstanding van Jezus en in zijn belangrijkste uitspraak: “heb uw naaste lief als uzelf”.

Het belangrijkste moment in het kruisigingsverhaal is voor mij het moment dat Jezus roept: “mijn god, mijn god waarom hebt ge mij verlaten”. In het sjamanisme zouden we dit de “dark night of the soul” noemen. Het zwartste moment in iemands leven. Want pas als je je volledig kan identificeren met het donker, als je ten diepste het donker in je kan voelen, is er de verlossing, de bevrijding, de opstanding. Ook Job moet de beker helemaal leeg drinken voordat er de bevrijding is. We kennen dit verhaal eigenlijk ook uit onze tijd: drugsverslaafden moeten vaak helemaal in de goot liggen, al het leven opgeven, één hoopje ellende zijn om weer contact te kunnen maken met het leven. Pas dan voelen ze dat ze ondanks alles, toch willen leven. Pas in het diepste donker wordt de knop omgedraaid en de wil om te leven weer gevoeld en pas dan kunnen ze van hun verslaving afkomen en een nieuw leven gaan opbouwen.

Heb uw naaste lief als uzelf lijkt in deze materialistische, individualistische, assertieve maatschappij wel een erg grote opgave. Voor mij is de essentie hiervan iemand te kunnen “zien”. Echt, onbevooroordeeld, vanuit je hart iemand te kunnen waarnemen, met iemand contact te kunnen leggen. Er is een prachtig dagboek van een priester, die 3 jaar in Dachau heeft doorgebracht onder de meest ellendige, erbarmelijke omstandigheden. Een half jaar na zijn vrijlating pleit hij ervoor – in een voorwoord tot zijn dagboek – om niet met wrok, woede of rancune naar de Duitsers te kijken, maar je hart te blijven openen voor hun. Wat ze je ook aangedaan hebben. Het is een indrukwekkend statement. Want als je met wrok en woede naar de Duitsers kijkt dan hebben zij gewonnen. Dan doe je hetzelfde als zij: met agressie antwoorden. Maar als je de “tot monster geworden mens” kunt blijven zien als mens, dan triomfeert ( in zijn geval) het Christendom. Dan overstijg je het ego en leidt dat een nederlaag. Voor hem zat er een immense kracht in om te kunnen overleven. Er is ook een prachtig boek van een voormalige lijfarts van de Dalai Lama. Die twintig jaar lang in dezelfde onmenselijke omstandigheden in een Chinese cel doorbrengt en ook zijn mededogen behoudt. En het brengt ons bij één van de meest indrukwekkende uitspraken in de bijbel. De gekruisigde Jezus: “Vergeef hen want ze weten niet wat ze doen”. Daar spreekt een ongelooflijk diepe wijsheid uit. Wie kan dat opbrengen in zulke onmenselijke omstandigheden?

Voor mij is magie zinloos, betekenisloos als het je niet ondersteunt deze weg te gaan. Voor mij is de essentie van magie dat het steeds weer verwijst naar de staat van onbevooroordeeld zijn. Naar het onvernietigbare in de mens, de ziel, verbonden met het universum. Voorbij het ego. Magie nodigt je uit een steeds zuiverder kanaal van spirit, het veld, god te worden en dat kan alleen door steeds meer obstakels in je zelf op te ruimen. Jezelf steeds beter te zien en daarmee om je medemens steeds beter te zien.

In het Oude testament word ik gefascineerd door twee thema’s. De uitspraak: “wat gij niet wilt dat u geschiedt doe dat ook een ander niet”. Ik heb me door verschillende goed in het oude testament ingevoerde mensen laten verzekeren dat dit de essentie van het oude testament is en de rest is franje. De hierboven genoemde uitspraak van Jezus is een andere verwoording hiervan.

Wat steeds terug komt in het oude testament is de gehoorzaamheid of de ongehoorzaamheid van het volk Israël aan de enige ware god. Steeds gaan ze weer andere goden aanbidden of worden op een andere wijze afvallig en dan worden ze weer gestraft en is het de god van wrake die behoorlijk onbarmhartig is. Ik heb daar een eigen interpretatie van en weet uiteindelijk niet of die gedeeld wordt.

Voor mij is de god in het oude testament een metafoor voor de “stem van je ziel”. Als je jouw eigen, authentieke weg volgt, de weg van je ziel, jouw eigen waarheid dan gaat het goed met je. Dan is God (het universum, het veld) je goed gezind en zal alles wat je doet ondersteunen. Maar zodra je van je eigen waarheid afwijkt, gaat het mis. Dan word je “gestraft”. Dan ontstaan er problemen. Het is ook kanaal zijn voor het goddelijke, voor spirit, voor het universum.

Het doet me denken aan de Mahabharata uit de Indiase Bhagwat Gita. Ook dit boek is een en al strijd van twee legers. Eindeloos. Met veel bloedvergieten. Je wordt er niet vrolijk van. Maar men is het erover eens dat het gaat over de innerlijke strijd, die ieder mens met zichzelf moet uitvechten om uiteindelijk bevrijd te worden.

Daarnaast staan er in de bijbel prachtige verhalen. Een van de meest actuele is het verhaal over Mozes, die de berg op is gegaan (in mijn woorden: een vision quest deed), goddelijke inspiratie kreeg, een indrukwekkend visioen, wat uitmondde in de tien geboden. Terug kerend zag hij zijn volk rond het gouden kalf dansen. Hoe toepasselijk voor onze tijd, waarin het gouden kalf tot grote hoogten is gestegen. Het neo kapitalisme in ultima forma. Steeds maar op zoek om daar de zo verlangde vervulling en zingeving in te vinden.

Of het verhaal van David en Goliath: als je jouw “medicin” leeft, jouw unieke talent inzet, dan kan je reuzen verslaan.

Het verhaal van Lot, die al vluchtende omkijkt naar het brandende Sodom en Gomorra en verandert in een zoutpilaar. Er zijn momenten in het leven, waar je alleen vooruit naar de toekomst moet kijken. Er is een “momentum”. Als je dan omkijkt naar het verleden mis je het momentum en verstart.

  1. Het Begin – een Droom van ravenveer

Ik loop in een begrafenisstoet. Naast een kist. Het is de kist van mijn vader. We gaan hem begraven En zijn veel mensen. Allen stapvoets. Het is een indrukweekend tafereel.

De stoet stopt. Ik sta naast de kist en doe de bovenkant open. In de kist ligt een grote ravenveer. Ik pak hem en met dat gebaar neem ik de ravenveer van mijn vader over. Nu ben ik de drager van de ravenveer. Nu ligt de verantwoordelijkheid bij mij!

Een korte, heldere droom. Meer dan twintig jaar geleden, maar ik zie de beelden nog voor me. Een droom die niet zo maar duidelijk was. Pas in de loop van de jaren krijgt hij steeds meer betekenis. Raaf wordt steeds belangrijker in mijn leven. Ik heb ook ooit een dode raaf langs de kant van de weg gevonden.

In bepaalde tradities krijg je een nieuwe naam. Een spirituele naam, die je essentiële kwaliteit belichaamt. De indianen noemen het een medicijnnaam. Eind negentiger jaren had ik een medicijnnaam gevonden. Ik dacht dat een medicijnnaam een naam was voor de rest van je leven. Maar deze naam bleek ik tot 2005 te hebben. Toen diende zich een periode aan waarin alles in mijn sjamanistische leven vernieuwd werd. Ik heb dat in mijn eerste boek beschreven. Toen ik dat jaar in de woestijn in zuid oost Californië een vision quest deed had die naam geen kracht meer. De ziel was uit de naam. Er werd me een nieuwe naam gegeven, hij kwam plotseling boven. Niet onlogisch als alles zich vernieuwt. Er komt Raaf in voor. Uit deze nieuwe naam sprak mijn diepgaande verbondenheid met Raaf.

Nu schrijf ik aan een tweede boek met de titel: “Magie, het verhaal van raaf”. Sjamanistisch gezien is raaf de magiër in het dierenrijk. Vandaar de titel. Ik ben me bewust geworden hoe ongelooflijk veel magische gebeurtenissen de afgelopen twintig jaar zich in mijn leven hebben voor gedaan. Meer dan twintig jaar geleden werd ik overweldigd door deze gebeurtenissen. Ik kon er alleen maar verbijsterd en verwonderd naar kijken. En nu besef ik dat het nog steeds zo is. Als iets wat me als in een droom overkomt. Als iets waar ik bijna buiten sta. Waar ik geen deel aan heb.

Nu besef ik ten volle dat ik een gave heb gekregen, die ik mag leven. Niet als iets buiten mij, maar als iets van mij. Ik belichaam deze gave. Ik wil er voor uit komen en het aan de wereld kenbaar maken. Toen plotseling de titel van het boek in mijn hoofd op kwam, besefte ik dat er weer een boek geschreven wilde worden. Aanvankelijk wist ik nog niet waarom. Maar nu weet ik dat ik met dit boek de veelzijdigheid en betekenis van mijn “gave” in de wereld wil zetten. Daarmee, in alle oprechtheid en eerlijkheid dit bijzondere aspect van mij kenbaar wil maken en toelichten.

En ik hoop met dit boek magie alledaags te maken. Mensen aan te moedigen zich open te stellen voor magie wanneer zich dat in hun leven voordoet. In mijn visie en ervaring hebben veel mensen magische ervaringen. Soms heel incidenteel. Slechts een enkele keer. Anderen vaker. In heel verschillende vorm. Magie komt in vele gedaanten.

En ik wil mensen aanmoedigen om van deze magische ervaringen de betekenis te onderzoeken. Voor mij zijn magische ervaringen op zich misschien wel boeiend, spectaculair of ze maken je interessant. Maar daar gaat het niet om. Zoals een droom voor mij een boodschap is van het onbewuste is een magische ervaring een boodschap van het universum. En zoals een droom je kan helpen een situatie in je leven te verhelderen, zo kan een magische ervaring dat ook.

Voor mij is ook van belang dat we in de wereld voor een paradigma shift staan. De geestelijke wereld wordt steeds belangrijker, maar op een geheel eigentijdse en nieuwe manier. Heel anders dan vroeger met ons oude godsbeeld. Die geestelijke wereld is nodig. Urgent! Om de problemen van onze tijd te kunnen oplossen. Dat lukt niet met onze rationele, wetenschappelijke houding. Daarvoor moeten we de leiding weer overgeven aan de natuur en het universum. Cruciaal daarbij is je te verbinden met de creatieve krachten van het universum. Centraal daarbij staat de vraag: “wat wil het universum? Wat is gaande in het universum?”. Dat vraagt een ander bewustzijn. Of misschien beter: dat vraagt om een helder bewustzijn, in verbondenheid met het universum.

Met dit boek wil ik daar graag mijn minuscule steentje aan bijdragen.

  1. Nacht met masker

Een eerste magische ervaring was er tijdens een drieweekse training in het centrum Venwoude, een prachtige locatie in de natuur van Lage Vuursche. De opdracht overdag was om een masker te maken. Of meer precies: je favoriete masker. Het gezicht waarmee je je presenteert aan de buitenwereld. In mijn geval: altijd een vriendelijk, lachend (hoe ik me ook voel) gezicht. En dat masker mee te nemen naar een plek in het bos waar je een nacht alleen buiten door brengt. Het kon zijn dat er dan in die nacht een nieuwe naam aan je geopenbaard werd.

Ik had een mooie plek gevonden. Het was warm, zonnig en doodstil. Lage Vuursche is een stiltegebied, voor zover dat nog mogelijk is in Nederland. Ik houd ervan alleen in de natuur te zijn. Ik was niet bang (een beetje – niet voor dieren, maar voor mensen), maar wat kon me gebeuren: dit was privé terrein. Ik had het masker dicht bij me aan een tak opgehangen. Die avond voelde ik me prettig en verwachtingsvol. Het werd steeds donkerder. Toen het echt donker werd wilde ik gaan slapen, maar dat lukte niet. Ik begon me onrustig te voelen, het kriebelde binnen in me. Ik voelde me koortsig worden. Die hele nacht voelde ik me ziek en koortsig. Ik begreep er niets van. Alsof de wereld de hele tijd in beweging was, het “beeld” geen moment in rust was.

Tegen het einde van de nacht kwam er plots, uit het niets (in de zin van: ik was er niet mee bezig) een naam in me op. Een nieuwe naam, die bij me paste. Die iets zei over mijn “taak” in de wereld. En op dat moment veranderde alles: alles kwam tot rust. Het beeld werd stilte, de pracht van de natuur. Weg was de koorts en de onrust. Ik had mijn masker doorzien en contact gelegd met mijn ware aard. Magie?

Spider rock

Deze ervaring doet me denken aan een andere, vele jaren later.

Ik kampeerde op een camping in het Navajo reservaat in Arizona in de Verenigde Staten. De camping werd beheerd door een Navajo, Howard. De camping lag aan de rand van de Canyon de Shelley. Een prachtig canyon gebied met in de rotsen uitgehouwen woningen van de vroegere Anastasi en prachtige natuurformaties. Ergens in die canyon lag een grote, hoge rotsformatie: Spider rock. De meest heilige plek van de Navajo. Howard bood aan onze gids te zijn voor een excursie naar het dal van de canyon en in de buurt van Spider rock te overnachten. Een genereus aanbod. We gingen er gretig op in, waren met z’n vieren en daalden af. Tegen de avond maakten we kamp in het dal met uitzicht op Spider Rock, niet ver van ons vandaan. We sliepen onder de blote hemel in onze slaapzak. Die nacht zal ik niet snel vergeten. Opnieuw maakte er zich een onrust van me meester. Ik kon niet slapen en vooral niet stil liggen. Ditmaal leek het of mijn bloed jeukte. Dat deed het, die hele lange nacht. Deze energie was te sterk voor me. Ik werd door elkaar geschud. Geen moment met rust gelaten. Totdat de ochtend aanbrak en de onrust wegebde. Bovendien bleken er sporen te zijn gekomen en was een beer dicht langs ons kamp gelopen.

  1. Nijlpaard – Hippo

Mei/juni 1992. Goh, wat een leuk beest, zeg ik iedere keer als ik door de straat fiets en langs de vitrine kom waar een beeld in ligt van een liggend nijlpaard. Ik stap af en bekijk het. Steeds weer. Zo ben ik helemaal niet. Zo ken ik mezelf niet. Ik ben geen kijker en geen koper. Ik koop nooit dit soort dingen en ik heb er geen oog voor. Nu wel. Nu is het anders. Het valt ook mijn vrouw op en in juni, voor mijn verjaardag krijg ik het beeld van de hippo cadeau. En die krijgt een prominente plaats. Op een bijzettafeltje naast de bank in de zithoek. En daar is hij altijd gebleven. Nu meer dan dertig jaar later staat hij daar nog.

In maart van dat jaar had ik mij opgegeven voor de jaartraining sjamanisme bij Daan van Kampenhout en Ivana Caprioli. De training startte met een weekend in september. Het thema was dierkrachten. Binnen het sjamanisme wordt belang gehecht aan dierkrachten en speciaal aan zogenaamde krachtdieren. Dit zijn dieren, die je specifiek kunnen steunen in je proces. Het idee is dat als je je bewust verbindt met zo ’n dier, je de kwaliteiten van dat dier in jezelf versterkt. Een krachtdier staat dan voor een archetypische, vitale energie, die specifiek voor dat dier is. Ik heb er in mijn vorige boek uitgebreid over geschreven. In dat weekend vroeg Ivana aan de deelnemers wie al zijn of haar krachtdier wist en wie nog niet. Ik behoorde bij de mensen die dat nog niet wisten. Ivana ging vervolgens liggen met de ogen dicht. Een deelnemer kon naast haar gaan liggen, haar hand vast houden en dan keek zij welk krachtdier bij je hoorde. Ze zag dus niet wie er naast haar lag en voor welke deelnemer ze een krachtdier zocht. Toen ik naast haar ging liggen was het even stil. Daarna was er wat verwarring bij haar. Ze probeerde het beeld duidelijk te krijgen. En zei: “ik zie, eh, een paard? Nee, het is geen paard, eens kijken, wat is het nou, het is een ….nijlpaard!” Ik was verbijsterd. Die stond al enige maanden bij mij thuis. Dit kon ze niet weten. Opnieuw had ik in mijn leven een ontmoeting met magie! Dit kon niet.

Achteraf bleek het nog magischer, want in al die jaren dat ik met sjamanisme bezig ben heb ik nog nooit iemand anders ontmoet die nijlpaard als krachtdier had.

Later bleek nijlpaard een andere, belangrijkere rol in mijn sjamanistische leven te vervullen. Eerst diende hij als krachtdier, daarna bleek hij mijn verbinding met Afrika te zijn. Een belangrijke inspiratiebron in mijn leven. Ik heb twee jaar in Afrika gewoond en gewerkt en heb het in mijn hart gesloten. Ik heb drie inspiratiebronnen, één uit de Noord- Amerikaans indiaanse traditie, één uit Siberië en één uit Afrika. Ik ben een wat vreemd mengsel. Vanuit deze drie bronnen word ik in mijn leven gegidst.

  1. Gegidst worden.

Iemand vroeg mij eens: “Wat zijn nu de meest indrukwekkende ervaringen uit je leven” ? Hij had mij net enkele van zijn ervaringen verteld. Die waren heel indrukwekkend. Om jaloers op te worden. Ik moest er over nadenken. Ik heb veel hele mooie ervaringen gehad die ik o.a. in mijn vorige boek heb beschreven. Maar of er nu één of enkele uitspringen, zoals bij hem het geval was, daar kwam niet zo maar een antwoord op. Ik heb geen verlichtingservaring, wel eenheidservaringen. Die waren prachtig en indrukwekkend, maar of die nu mijn leven veranderden, zoals een velrichtingservaring, zo waren die niet. Ik had visioenen, ik heb ze elders in dit boek beschreven. En ja, die veranderden mijn leven. Maar ook die voelden niet zoals hij zijn ervaringen beschreef.

Maar plotseling werd het me duidelijk. Bij mij werkt het heel anders. Het meest indrukwekkende in mijn leven vind ik, sinds ik met sjamanisme in aanraking ben gekomen, het permanente gevoel van gegidst te worden. Het is niet één gebeurtenis of ervaring die er bij mij uitspringt. Het is deze niet aflatende stroom die in mijn leven werkzaam is. Ik zeg wel eens: sinds ik met sjamanisme begonnen ben heb ik over de belangrijke ontwikkelingen in mijn leven geen besluit meer genomen.   Die ontwikkelingen ontstonden doordat er iets gebeurde vanuit de buitenwereld of doordat ik een drang in me voelde. Of er deed zich in een korte periode een ongelooflijke synchroniciteit voor aan opvallende gebeurtenissen, die me vroeg te kijken wat er aan de hand was, welke verandering aan de orde was in mijn leven. Deepak Chopra noemt dit dat het leven, als je het achteraf bekijkt, door synchroniciteit bepaald wordt.

Die synchroniciteit aan opvallende gebeurtenissen heb ik in aparte stukjes beschreven. Het duidelijkste voorbeeld van een innerlijke drang is het ontstaan van mijn eerste boek. Dat speelde zich af tijdens de vision quest bij de Navajo indianen in de Canyon de Shelley. Je mocht niet eten, niet drinken en niet slapen. Je moest een vuurtje aanhouden. Dat lukte, alhoewel ik regelmatig even indommelde. Aan het einde van de laatste nacht werd ik wakker uit zo’n indommelen met een tekst in mijn hoofd.

Ik schreef de tekst op en dacht: “Goh, het lijkt wel het begin van een boek. Zou er een boek geschreven willen worden?”. En dat ben ik toen maar gaan doen. Tot op dat moment was het idee om een boek te gaan schrijven niet bij me op gekomen. Ik was hier nooit mee bezig geweest. En als ik dat idee wel had gehad, had ik het verworpen. Ik had gedacht dat ik het niet kon, dat ik geen schrijver was, dat ik niets te melden had en allemaal van dat soort ideeën. Nu ging het dus anders.

In mijn vorige boek heb ik beschreven hoe ik in het sjamanisme mijn thuis vond en op wat voor een prachtige organische manier dat is gegaan. Nu zal ik laten zien op wat voor een organische manier mijn sjamanistische roeping vorm heeft gekregen.

Ik heb bijvoorbeeld nooit met de gedachte gespeeld om trainingen te gaan geven. Maar in 1998 vroeg Myriam Ceriez of ik samen met haar de jaartraining zou willen geven. Dat hebben we drie jaar gedaan en ik heb daar van genoten. De eerste jaren was dat erg leuk, maar het derde jaar inspireerden we elkaar niet meer. Het voelde beter de samenwerking stop te zetten. In datzelfde jaar kreeg ik een verzoek van Daan van Kampenhout. Hij schreef dat hij zijn aantekeningen van de eerste jaren van de training kwijt was en of ik die nog had. Dat was het geval en ik ben al mijn aantekeningen gaan uitwerken en heb die aan hem opgestuurd. Van alles wat we gedaan hadden werd ik heel enthousiast en het versterkte in mij de drang om de trainingen voort te zetten, maar dan op eigen kracht. Dat heb ik gedaan. In 2001 startte ik in Rotterdam met de sjamanistische jaartraining “Footprints of the Soul”.

Zo is dat geven van trainingen op een vanzelfsprekende manier tot stand gekomen. Ik weet zeker dat ik alleen vanuit mezelf niet op het idee was gekomen om sjamanistische trainingen te geven, naast de drukke reguliere baan die ik toen ook had. Myriam zette me op het pad en Daan gaf het laatste zetje om dat zelfstandig te gaan doen. Vervolgens kwam er weer hulp vanuit de buitenwereld. Dat was nodig want ik kon mijn reguliere baan en mijn sjamanistische activiteiten, die vooral in de weekenden plaats vonden, eigenlijk niet meer combineren. De sjamanistische activiteiten namen daarvoor ook teveel toe. Helaas was het de tijd dat vervroegd pensioen en dergelijke uit de gratie raakten en de regering vond dat mensen langer moesten gaan werken. Tegen deze stroom in werd ik plots door mijn toenmalige werkgever gevaagd of ik niet van een regeling gebruik wilde maken en daarmee plaats wilde maken voor jong aanstormend talent. Voor mij was het een geschenk uit de hemel (of van Spirit). Toen ik de vraag positief had beantwoord was het mogelijk om mij vanaf 2005 volledig te wijden aan mijn praktijk voor sjamanisme.

Iets dergelijks gebeurde rond mijn eerste vision quest. In 1996 werd ik 50 jaar en dat leek me een goed idee om een maand “sabbatical” te nemen naast een maand vakantie. Mijn plan was om een lang gekoesterde droom te realiseren, namelijk van Zuid- naar Noord-Zweden of – Finland te fietsen en onderweg wild te kamperen. Het gaf me ook de gelegenheid om vooraf nog een zomerweek in Frankrijk met Daan mee te maken, inclusief een korte vakantie met mijn vrouw. Het liep anders. Vrij snel nadat ik mijn sabbatical had geregeld deed ik thuis in mijn sjamanistische kamer een journey, een sjamanistische visualisatie. In die visualisatie kreeg ik “door” dat ik een vision quest moest gaan doen. Dus niets fietsen van Zuid- naar Noord-Finland. Het bijzondere was dat ik ook bijna als op een kaart aangewezen kreeg waar ik die moest doen. In het gebied van de Grande Causses, aan de rand van de Cevennen in Frankrijk. Ik was er nooit geweest. Ik had wel van een vision quest gehoord, maar ik had nog niet overwogen om er zelf één te doen. Toen gebeurde er iets bijzonders.

De zomerweek met Daan zou in de Dordogne plaats vinden, maar we kregen bericht dat het daar niet door kon gaan, want het dorp had een extreem rechtse burgemeester gekregen en het centrum was bang dat een sjamanistische week te provocerend zou zijn. Dus Daan ging naar een nieuwe plek zoeken. Enige tijd later kregen we bericht. Er was een nieuwe plek gevonden, ergens in het gebied van de Grande Causses, vlakbij waar ik mijn vision quest ging doen! Mij gaf het een groot vertrouwen dat het klopte waar ik mee bezig was. Ook in dit geval was een vision quest dus niet iets waar ik over aan het nadenken was, wat ik overwoog te doen. Nee, het werd me aangereikt in een sjamanistische journey en bevestigd door de verplaatsing van de zomerweek. En op die plek geef ik nu nog steeds een jaarlijkse vision quest.

In 1999 deed ik mijn tweede vision quest. Veel te snel, want er wordt gezegd dat een quest zeven jaar nodig heeft om helemaal te integreren. Maar ik had mijn eerste vision quest alleen gedaan en nu wilde ik heel graag een keer een vision quest doen die begeleid werd.

Een paar jaar later gebeurde er voor mij iets onverwachts: er was plotseling een drang in me om zelf een vision quest te gaan organiseren en begeleiden. Het voelde dat het aan de orde was in mijn leven. Ik interpreteerde die drang als volgt: “Spirit wil me testen”. Ik voelde me uitgedaagd of ik bereid was al het mogelijke te doen om een vision quest te organiseren. Mijn commitment aan Spirit werd op de proef gesteld. De gedachte die ik er bij had was dat het er niet toe deed of ik daadwerkelijk een quest zou geven of niet. Als ik maar liet zien dat ik toegewijd was aan Spirit. Zoiets. Dus dat ging ik doen. Ik zou dan wel zien. Waren er deelnemers, nou dan gaf ik daadwerkelijk een vision quest. Waren er geen deelnemers dan had ik mijn commitment laten zien. Dat was ook goed. Er bleken zes deelnemers te zijn en het werd het begin van een ontwikkeling die de vision quest diep in het centrum van mijn leven zou brengen.

En, zoals mij vaak overkomt gebeuren er dingen, die mij het gevoel geven dat het klopt wat ik aan het doen ben. Zo nam ik deel aan een trainingsweekend bij Daan van Kampenhout waarbij mensen zoals ik, die al veel trainingen bij hem gevolgd hadden, gekoppeld werden als een soort mentor aan deelnemers die er pas voor de eerste keer kwamen. Ik werd gekoppeld aan een vrouw, die me vertelde dat ze getrouwd was met een Tsjechische man, die een centrum had in het Boheemse woud in Tsjechië. Dat bleek de ideale plek voor mijn vision quest en daar heb ik die ook gehouden. Een ander cadeautje was, dat nadat ik informatie voor de deelnemers had gechanneled *ik hun motivatiebrieven één voor één ’s nachts onder mijn hoofdkussen legde en voor iedere deelnemer een heldere droom kreeg. En die droom bevatte nog veel preciezere informatie dan via de channeling. Dat gaf me veel vertrouwen in het hele proces. Ik heb dat na die keer ook nooit meer gehad. Alleen in dat eerste jaar.

(* in contact met de energie van een deelnemer, bijvoorbeeld via zijn motivatiebrief, innerlijke beelden of andere indrukken krijgen, die van belang zijn voor de quest van die deelnemer)

Een andere bijzonderheid betrof het weer. Het was in de zomer noodweer in dat deel van Europa. Zowel Dresden als Praag stonden onder water. Overstromingen alom. Ik informeerde bij het centrum: kon mijn quest doorgaan of niet. Ook zij hadden wateroverlast, maar het was net droog geworden en als dat zo bleef zou het kunnen. Het bleef zo en de quest ging door. De eerste questdag gaf nog wel sterke regen. Wij zaten met twee personen water weg te scheppen bij het vuur, dat we vier dagen en nachten wilden aanhouden, terwijl een derde persoon een paraplu boven het vuur hield en dat zo veel mogelijk droog probeerde te houden. Dat lukte en daarna was er geen regen meer. De questers kwamen terug en twee dagen later, vroeg in de ochtend ging iedereen weer naar huis. Op dat moment begon het weer te regenen om die dag niet meer op te houden. De vision quest dagen bleken een droog eilandje te midden van heftige regenval te zijn. Wat een geluk. Met dank aan Spirit.

Dus hierboven heb ik een aantal voorbeelden beschreven van wat ik noem, “gegidst worden”. Wakker worden met een tekst, een drang voelen, de buitenwereld die me bevraagt.

Voor mij is de essentie: open staan voor Spirit, voor het Veld, voor God en volgen wat aan de orde lijkt. Die bereidheid is de sleutel tot een spiritueel leven. Een leven waarin je je open stelt voor energieën die het persoonlijke overstijgen en je met die energieën mee bewegen.

In mijn eerste boek heb ik beschreven hoe “gegidst worden” of synchroniciteit (Deepak Chopra) of leven op een organische manier (de dingen dienen zich steeds als vanzelf aan) mij bij het sjamanisme gebracht hebben . Mijn thuis. Hierboven heb ik beschreven hoe gegidst worden mij van een normale, reguliere baan bij een praktijk voor sjamanisme, trainingen, vision quests en het schrijven van een boek brachten. Nooit was dat het resultaat van denken, van een intensief afwegingsproces, van wikken en wegen en besluitvorming. Het was gehoor geven aan een roep van Spirit. Ik ervaar het ook als genade.

En ook mijn innerlijke ontwikkeling verliep zo. Mijn reis naar Amerika voor de “Ballcourt”-training, met de ongelooflijke synchroniciteit aan gedoe en aan bizarre gebeurtenissen daagden me uit in het “hier en nu” te zijn en om flexibel om te gaan met dat wat is. En het ging verder. Er was bij mij een zoektocht naar een anker in de alledaagse wereld, resulterend in een spontane ervaring daarvan bij een boom in Zuid-Spanje. Gevolgd door een bewust aanvaarden van deze wereld en daarin stappen als een soort brandweerman. Vandaaruit was er een totale coyote-achtige chaos in mijn leven gevolgd door een totale vernieuwing op veel verschillende gebieden, waardoor de verankering in de alledaagse wereld zo goed mogelijk in mijn systeem geïntegreerd werd. In dit proces werd dus heel veel “van buiten” aangereikt. Ik had er niets over te zeggen. Het overkwam me allemaal en allemaal nagenoeg tegelijkertijd.

Dus zo lijkt dat in mijn leven te werken, een sterk gevoel van “gegidst worden”. Nu roept dat onmiddellijk associaties op, die ik niet bedoel. Het betekent voor mij niet dat er dus een God of zoiets is die aan de touwtjes trekt en het leven van mij als een soort marionet bepaalt. Nee, het heeft absoluut niets te maken met iets mensachtigs of een “wezen” of zo.

Gegidst worden is voor mij allereerst iets magisch, iets wat ik niet zo maar begrijp. Maar uit bovenstaande voorbeelden lijken er in mijn leven krachten werkzaam, die me een bepaalde richting uitsturen. Niet zo maar per ongeluk. Nee, uit die krachten blijkt een soort intelligentie, die “het beste met me voorheeft”. Vergelijkbaar met de krachten in de natuur, die alles, weliswaar in relatie met de omgeving, tot optimale bloei laat komen. En het enige wat ik ervoor hoef te doen is me ervoor open stellen en vooral “mee gaan”, b.v. de drang in mij volgen en er niet met mijn denken tussen gaan zitten.

Grote levenslijnen, intuïtie en magie.

In mijn leven zie ik een aantal grote lijnen:

Een babytijd, waarin ik besloot me terug te trekken in mijn binnenwereld en de buitenwereld als onveilig te beschouwen. Ondanks dat ik lieve ouders had! Met als gevolg, een kindertijd, waarop ik niet terug kijk als “een gelukkige onbezorgde jeugd”. Maar als een boek dat ik liever niet opensla. Maar wel een jeugd met een rijke fantasie, een rijke binnenwereld. Mijn studietijd was een goede tijd, waarin ik de buitenwereld begon te verkennen door onder andere veel dingen naast mijn studie te doen. Ik werd lid van allerlei organisaties en zat in besturen van politieke, levensbeschouwelijke en culturele studentenorganisaties. Eigenlijk werd het een zoektocht naar andere werelden. Die werd sterker na mijn studie doordat ik een aantal jaren in de tropen ging werken en dus echt met andere werelden in contact kwam. Ik merkte wel dat ik bij dat alles een bijna onverzadigbare nieuwsgierigheid had.

De volgende grote lijn begint met terug te gaan naar Nederland, wat gestimuleerd werd door fysieke klachten. Die lijn wordt gekenmerkt door een persoonlijk ontwikkelingsproces. Ik had gezien dat ik niet in harmonie was met mezelf en niet met de wereld om me heen. Ik besloot dat het belangrijk was daar aan te werken. Deze lijn begon op mijn een en dertigste en duurde tot mijn zeven en veertigste. Het was een lange zoektocht. Een zoektocht naar de stem van mijn ziel. Ik kwam in aanraking met inspiratiebronnen zoals yoga, meditatie, Gestalt, mannengroepen, communicatie -, sensitivity trainingen, e.d. en allemaal droegen ze wat bij om me meer bij mijn authentieke zelf te brengen.

Aan het einde van deze periode deden zich de eerste magische gebeurtenissen voor. Een korte periode, een opeenvolging van gebeurtenissen, die mijn wereldbeeld, mijn eigen mogelijkheden en perceptie deden kantelen en blijvend veranderden. Iets daarvan werd zichtbaar in een training die ik volgde voor mijn reguliere baan. Een managementtraining met dertig deelnemers, verdeeld over drie groepen van tien, die een project moesten uitwerken. Er was permanent geharrewar en onenigheid, over niets werd men het eens. Onbewust werden er allerlei machts- en leiderschaps strijdjes uit gevochten. Er bleek één uitzondering, zoals iemand aan het einde constateerde: er was een onopvallende, zich niet profilerende of rollebollende persoon waarvan alles wat hij voorstelde wel werd geaccepteerd. En dat bleek ik te zijn. Informeel leiderschap wordt zoiets genoemd. Voor mij was dat niet voor opgezet, niet bewust, ik probeerde alleen maar iets bij te dragen, zoals het voelde. Ik ontdekte een onbekende kant van mijzelf. Ik bleek een sterk intuïtief weten te hebben, dat ik ook kon inzetten in de buitenwereld.

Deze ontdekking kreeg een vervolg tijdens een drieweekse training, die de Oersprong heette. Opnieuw dertig deelnemers, die elkaar niet kenden. De eerste opdracht was om drie vrouwen te kiezen, die een prominente rol gingen krijgen. Ik wist meteen wie dat zouden zijn. Ik hoefde daar niet over na te denken. Er waren veel verhitte discussies voordat de groep uiteindelijk op dezelfde drie vrouwen uit kwam. Die training werd ik ook geconfronteerd met een eerste magische gebeurtenis. De opdracht was om een masker te maken, waarmee je je laat zien in de buitenwereld. Een soort masker waarmee je overleeft. Met dat masker ging je een nacht alleen in de natuur doorbrengen. Dat werd een bizarre nacht. Uiterst onrustig, alsof ik permanent jeuk in mijn bloed had. Als ik even sliep was het een koortsachtige slaap. Totdat ergens in de ochtend er een nieuwe naam voor mezelf opkwam. Toen was alles plots rustig en vredig. Alle onrust was weg. Het eerste brokje magie.

De volgende rode draad begon doordat die training eindigde met longontsteking. Ik was twintig jaar niet ziek geweest en nu plots deze ziekte. Ik deed visualisaties bij een oudere vrouw. Ik kreeg heel archetypische beelden. Dat had ze niet eerder mee gemaakt. Later op de dag kon ik ze plaatsen: ze gingen over de relatie met mijn moeder, die op dat moment al langere tijd terminaal ziek was. Eens per maand deed ik een visualisatie en iedere keer bleek die over de relatie met mijn moeder te gaan en steeds voelde ik me dichter bij haar komen. Bij de laatste visualisatie ervaarde ik een totale verzoening met mijn moeder. Ik ging naar haar toe en vertelde het haar: “ik had geen betere moeder kunnen hebben”. Een paar dagen later stierf ze.
Deze ervaring maakte diepe indruk op me. Ik bleek een gevoeligheid te hebben die van grote betekenis in mijn leven kon zijn.

Deze gevoeligheid bracht me bij het sjamanisme. Ik las over de ‘sjamanic jouney’ en schreef me in voor een sjamanistisch weekend. Die begon op vrijdagavond. Ik kwam daar binnen en binnen een uur was ik THUIS! Een nieuwe rode lijn in mijn leven begon.

Ik zat in mijn kamer met een handvol post. Er zat een bief bij zonder afzender. Ik pakte de brief en werd doodnerveus en ontroerd. Tranen stroomden over mijn gezicht. Toen ik hem open maakte bleek hij informatie te bevatten over de jaartraining sjamanisme.

Ik gaf me op voor een sjamanistische jaartraining en in dat jaar buitelden de magische ervaringen over elkaar heen mijn leven in.

Ik schreef al over mijn magische ervaring met nijlpaard. Ik zag hem in een etalage dicht bij mijn huis en kon er niet langs lopen. Dat is niets voor mij. Mijn vrouw zag dat en kocht hem. Dat was in juni. In september was het eerste weekend van de jaartraining sjamanisme. De begeleidster vraagt wie nog geen krachtdier heeft. Ik dus. Ze gaat op de grond liggen, ogen dicht en één voor één gaan we naast haar liggen en “ziet” ze voor ons een krachtdier. Bij mij: “Paard, nee het is geen paard. Oh nou zie ik het , het is een nijlpaard”. Het nijlpaard staat sindsdien prominent in onze woonkamer.

En zo ging het door dat jaar en die training. Mijn ratio kon het niet meer bolwerken en gaf zich aan het einde van dat jaar over: “Er is een totaal andere perceptie van de werkelijkheid mogelijk. Een werkelijkheid waarin de natuurwetten niet meer gelden en van alles mogelijk is“.

Sindsdien heb ik me intensief bezig gehouden met sjamanisme. Voor mijn gevoel heb ik, nadat ik mijn huis had gevonden in sjamanisme, dit ingericht en toen het ingericht was ben ik er vanuit gaan werken: trainingen geven, themadagen, vision quests en privé sessies. In 2005 stopte ik met mijn (drukke) reguliere baan en wijdde me geheel aan mijn praktijk voor sjamanisme.

En toen op een dag, ik was de 65 jaar al gepasseerd, besefte ik dat het goed was zo. Dat ik op dat moment mijn leven leefde zoals dat voor mij optimaal was. Ik had geen wensen en geen “bucketlist” van dingen die ik nog wilde doen voor mijn dood. Er waren geen grote wensen over. Er was alleen het leven dat verder geleefd wilde worden. Ik hoefde geen verre reizen meer te maken, ik had tenslotte al vele jaren in de tropen gewerkt. Ik hoefde geen groter huis of een auto of zoiets. En ik deed het mooiste wat ik me kon voorstellen, ik begeleide mensen op hun zielspad. Spirit was genereus voor mij.

In die tijd had ik twee dromen. Ik droomde dat ik een miljoen had gewonnen. En dat ik niet wist waaraan ik dat moest uitgeven. De andere droom ging over de uitdrukking: “eerst Napels zien en dan sterven”. In die droom vertelde ik mensen dat het niet nodig was om eerst Napels te zien. Dat was niet meer belangrijk. Het was al goed zo. Beide dromen maakten me bewust van het inzicht dat ik hierboven beschreef. Het is goed zoals het is.

Desondanks bleef mijn leven in beweging. Want ook al is het leven goed zoals het is en heb je geen grote wensen meer, dat betekent niet dat het saai en gezapig is geworden. Integendeel. Er gebeurt van alles en het enige wat er te doen valt is er in mee gaan. In nieuwsgierigheid afwachten waar je leven nu weer naar toe gaat. Wat heeft het universum voor je in petto? Een onzeker avontuur, maar een onzekerheid die zich in een bedding van vertrouwen bevindt.

Terugkijkend op deze rode lijnen in mijn leven zie ik dat vanaf het eerste begin, mijn baby tijd zich alles samenspande om mij uiteindelijk in het sjamanisme mijn thuis te laten vinden, mij mijn huis te laten inrichten en vandaaruit te gaan werken. Mij daarmee rijp makend om beelden voor het ‘zijn” te ontdekken. Ik kan ook zeggen: “ het overkwam mij”. Beide zijn waar. Magie bracht me bij de essentie van het leven.

  1. Wetenschap

Ik ben natuurwetenschapper. Ik heb in Wageningen levensmiddelenchemie gestudeerd.

Maar ik ben steeds meer tot de overtuiging gekomen dat de natuurwetenschap maar één kijk op de werkelijkheid vertegenwoordigt.

En het spijt me, maar zoals ik nu naar de wetenschap kijk (en dan ben ik me bewust dat ik erg generaliseer en sommigen te kort doe) dan is wetenschap anno 2018 vaak zo plat. Alles wordt weg of kapot geredeneerd. Het doet denken aan oogkleppen. En die zijn groot. Alles wat niet op hun manier bewijs is, bestaat niet. Alles wordt weg gematerialiseerd. Binnen die oogkleppen is alleen nog een enorme, weliswaar prachtig ver ontwikkelde materialistische wereld. De wereld buiten de oogkleppen, die niet materialistische wereld, wordt niet gezien.

Is het angst? Is de wetenschap bang, oh zo bang? Alles moet passen in modellen en concepten. Alles moet gevangen en opgesloten kunnen worden. In dubbelblind, representatief onderzoek. Wat daar niet in past bestaat niet.

Is het angst? Want als je buiten hun werkelijkheid treedt dan valt hun paradigma, de basis van de hele wetenschap in elkaar. Dan valt alle vaste grond onder hun voeten weg. Dan valt hun bestaansreden weg.

Maar het is onontkoombaar. Magie is het toverwoord. Het is de achilleshiel van de wetenschap. De in de buitenwereld zichtbare magische gebeurtenissen in de individuele wereld van mensen. En steeds meer, steeds meer. Mensen hebben ervaringen zoals in dit boek beschreven. Ze hebben ervaringen, die te verifiëren zijn, zoals voorspellende dromen. Maar ook ervaringen die voor hun zelf grote betekenis kunnen hebben, zoals ontmoetingen met overledenen, dingen “weten” die ze niet kunnen weten, betekenisvolle dromen, onuitwisbare ervaringen met dieren, b.v. met dolfijnen en nog heel veel andersoortige ervaringen. Het voldoet niet meer om alles naar de wereld van de fantasie te verwijzen. Te veel mensen weten wel beter. Het is niet meer plat te praten, weg te moffelen. De wijsheid van de traditionele volken sijpelt, nee stroomt steeds harder onze westerse wereld binnen. Zij worden de voorlopers. Zij hebben de kennis.

Een van de belangrijkste personen in het westen, die het sjamanisme als een van de eerste wetenschappers serieus nam en diepgaand onderzoek op dit gebied heeft gedaan is Michael Harner, een Amerikaanse antropoloog. Hij ging in de jaren zestig de jungle van het Amazone gebied in om geneeskrachtige planten te zoeken. Hij kwam in contact met de oorspronkelijke bevolking, bestudeerde hun gebruiken en deed iets bijzonders. In tegenstelling tot de dan gangbare benadering van antropologen ging hij deelnemen aan hun leven. Het leidde uiteindelijk tot een initiatie in hun sjamanistische wereld. Hij schreef een baanbrekend boek “The way of the shaman” en richtte de “Foundation for shamanic studies” op. Na veertig jaar intensieve betrokkenheid bij de sjamanistische wereld schreef hij opnieuw een boek waarin hij zijn veertigjarige ervaringen en inzichten verwerkte: “Cave and Cosmos”. Hij beschrijft ook een fascinerend ritueel, dat voor westerlingen eigenlijk niet te begrijpen is, maar dat volgens hem het bewijs is dat “Spirits” bestaan. Het ritueel wordt uitgevoerd in het donker en bestaat eruit dat iemand vast gebonden wordt met touw. En niet zo maar een knoopje, maar heel degelijk, zodat hij/zij niet meer los kan komen. De persoon richt zich tot de Spirits en vaagt hulp. Die hulp komt: de persoon voelt hoe er aan zijn touwen wordt getrokken, hoe “men” bezig is om hem los te maken en binnen een paar minuten is de persoon bevrijd!

Michael Harner geeft in zijn boek een aantal voorbeelden van mensen, die dit beschrijven. Geen ‘illusionisten’ of zo die de techniek van het loskomen uit schijnbaar onmogelijke situaties beheersen, nee gewone deelnemers aan een cursus. Voor mij kwam het dichter bij, want een paar van mijn vrienden hebben trainingen in de Michael Harner traditie gedaan en het zelf aan den lijve mee gemaakt en mij erover verteld. Geen zweverige, maar heel aardse personen. De wetenschap zou op z’n minst nieuwsgierig moeten zijn. Voor Michael Harner is dit de ultieme uitdaging: de wetenschap zou eindelijk moeten accepteren dat “Spirits” bestaan. Hoe precies en wat precies daar kan je over filosoferen. Maar dat ze bestaan is zeker. Het is immers een door buitenstaanders controleerbaar experiment.

Binnen de sjamanistische wereld zal men minder verbaasd zijn. Een soms ook in Nederland, uitgevoerde en bekende ceremonie is de zgn. “Lowampi ceremony”. Ook deze wordt uitgevoerd in een donkere ruimte. De sjamaan drumt, bidt en zingt en nodigt de Spirits uit. Vaak worden door de deelnemers lichte bollen, b.v. ter grootte van een grapefruit gezien. Die zweven door de donkere ruimte. Ze worden beschouwd als de bevestiging van de aanwezigheid van Spirits. Deelnemers hebben daarnaast allerlei bijzondere ervaringen. Afgezien van dat ze bijzondere dingen waarnemen, zoals het klapwieken van een zwerm vogels of allerlei andere geluiden horen, het voelen van waterdruppels of ervaren dat ze in de open lucht zitten, voelen deelnemers ook vaak dat ze aangeraakt worden. Er wordt zachtjes langs hun wang gestreken, ze worden zachtjes bij hun schouders vast gepakt en gedraaid, of ze worden andere lichamelijke aanrakingen gewaar. Terwijl de sjamaan trommelt en zingt. Ook hier is er de levendige aanwezigheid van Spirits.

Het blijft natuurlijk heel moeilijk om, als je zelf deze belevenissen allemaal niet kent, toch open te staan voor de betekenis van deze ervaringen van andere mensen. De westerse cultuur heeft ons heel veel gebracht, maar ging samen met een onvoorstelbare arrogantie ten opzichte van alles en iedereen die een ander pad bewandelde. Na vijf eeuwen dominantie is deze westerse cultuur en vooral het westerse wereldbeeld tanende. De arrogantie en het superioriteitsgevoel ten opzichte van vooral traditionele volken zal gaan afbrokkelen. Ons rest slechts bescheidenheid en misschien vooral nieuwsgierigheid. In mijn visie kan het niet anders of de niet materialistische wereld, de wereld waarin magie zich manifesteert, zal definitief doorbreken.

In mijn visie zal de acceptatie van het bestaan van een dergelijke niet materialistische wereld een nieuwe revolutie veroorzaken. Een revolutie die minstens zo groot zal zijn als de technologische waarin we ons bevinden. Want een totaal nieuw wereldbeeld komt ter beschikking. Een nieuw paradigma wordt aan het onze toegevoegd. Een immense nieuwe horizon komt in zicht met een enorm onontgonnen terrein ervoor.

Adrienne Rich verwoordt het als volgt:

Either you will
go through this door
or you will not go through

If you go through
there is always the risk
of remembering your name.

Things look at you doubly
and you must look back
and let them happen.

If you do not go through
It is possible
to live worthily
to maintain your attitudes
to hold your position
to die bravely

but much will blind you
much will evade you
at what cost who knows?

The door itself
Makes no promises
It is only a door.

  1. Voeding en IJs

Papoea’s

Al als student maakte ik iets mee dat wetenschappelijk gezien niet kon. Ik deed het vak tropische voeding en deed dat op het Tropeninstituut in Amsterdam bij een zekere professor Oomen. Een gewaardeerde wetenschapper. Hij deed onderzoek naar de eetgewoonten van de Papoea’s in Nieuw Guinea. Hij ontdekte dat ongeveer twee á drie miljoen Papoea’s in de afgelegen hooglanden van Nieuw Guinea zich voor 90 % voeden met zoete aardappel. Hij ontdekte ook dat ze zich in het algemeen in goede gezondheid bevonden en dat ze een positieve stikstofbalans hadden. Was het eerste al verwonderlijk, het laatste kon wetenschappelijk niet. Zoete aardappelen bevatten niet veel stikstof, dus de Papoea’s zouden een stikstof tekort moeten hebben, maar dat hadden ze niet. Mijn hoogleraar werd uiteraard als volgt weg gezet: hij werd absoluut als wetenschapper gerespecteerd, maar in dit onderzoek moest hij fouten hebben gemaakt. Wat hij geconstateerd had kón gewoon niet. Het was frustrerend voor hem.

Lichtvoeding

De laatste jaren is er meer aandacht voor het fenomeen “lichtvoeding”. Lichtvoeding is wat het woord al zegt: mensen krijgen hun voeding, hun energie uit licht en niet uit voedsel. Er bestaat een mooie video over een uitgebreid en gedegen onderzoek. Wereldwijd blijken er mensen te zijn, die zich uitsluitend met licht voeden. In Nederland, in Duitsland, in Australië, maar ook b.v. in China. Daar is het bij een bepaald volk al eeuwen een bekend fenomeen. In de video wordt ook wetenschappelijk onderzoek gedaan bij mensen die zich met licht voeden. B.v. in een ziekenhuis in Duitsland en in India. De onderzoekers vinden dat de persoon in goede gezondheid blijft ondanks dat hij geen vaste voeding tot zich neemt. In Duitsland leidt dit tot de conclusie: er moet iets fout zijn gegaan in het onderzoek. In India: er kunnen blijkbaar dingen gebeuren die wij nog niet begrijpen. Maar ja, India is ook het land van de yogi’s, dus die zijn wel wat gewend. Een verklaring kan zijn dat deze mensen prana uit de lucht kunnen opnemen en omzetten in lichaamsbenodigde stoffen; dus zonder dat er planten voor de fotosynthese nodig zijn, die dat voor de mens doen. Een van de pioniers van de lichtvoeding is Jasmuheen, die daar erg mooie boeken over heeft geschreven.

Wetenschappelijk is lichtvoeding absoluut onmogelijk, maar ja dat geldt voor meer, b.v. de Iceman.

De Iceman

In Nederland kennen we het fenomeen van Wim Hof, de Iceman. Die kan genoeglijk urenlang in ijskoud water zitten zonder af te koelen. Onderzoekers van de Radbout Universiteit hebben het onderzocht en moesten concluderen dat het blijkbaar kan. Het betekent dat Wim Hof het sympathische zenuwstelsel bewust kan beïnvloeden en daardoor de doorbloeding en het aanmaken van witte bloedlichaampjes kan verhogen. Hij kan bewust het immuunsysteem beïnvloeden.

Wat wetenschappelijk niet kan, kan dus blijkbaar wel.

10 “Zeker weten”

Het is nogal een verhaal, maar wel een heel mooi verhaal, dat over mijn vader, reeën en zeker weten. Je moet het mee gemaakt hebben om het te kunnen geloven. Maar het is wel een van de meest magische ervaringen uit mijn leven.

30 Jaar na zijn overlijden had ik binnen 2 maanden 6 ontmoetingen met een energie, die me fascineerde, niet meer losliet.

Ik had zes ongewone ontmoetingen met reeën. Ik heb in mijn leven veel in de bossen gewandeld en doe dat nog. Ik heb veel reeën gezien. Prachtige dieren. Elegant, subtiel en betoverend. Maar deze zes ontmoetingen waren anders. Het begon vlakbij een trainingscentrum, waar ik mijn vrouw afhaalde, die daar een training had gevolgd. Op zaterdagavond was er een feest geweest en op zondagmorgen hadden de deelnemers een afsluitende bijeenkomst. Ik liep vanuit het centrum het bos in. Ik had nog geen 100 m gelopen en was nog vlakbij het huis toen ik aan de andere kant van de struiken een ree zag grazen. Het dier leek mij ook op te merken. Het hief zijn kopje en snoof, graasde weer door, en keek weer op. We stonden vlakbij elkaar en hebben zo misschien 5 á 10 minuten gestaan voordat de ree wegsprong. Ongewoon lang, zelden zo lang een ree van zo dichtbij geobserveerd. Ik liep door, het bos in en kreeg behoefte te ratelen en te zingen. Daarna liep ik door, het was een beetje heuvelachtig. Nog geen 100 meter verder zag ik plots beneden mij een ree omhoog kijken naar mij. Even stonden we zo: oog in oog. Toen rende hij weg. Hoe kon dit nu? Ik had toch veel lawaai gemaakt. Dan jaag je ze toch weg?

Ik liep door, het was een mooie warme zonnige dag begin juni. Ik kwam bij een wei met een boom waaronder koeien lagen. Ik vond het net een landschap van de schilder Albert Cuyp. Ik klom over het hek en ging zitten, me lavend aan dit mooie tafereel. Plots kwam er een ree uit de bosjes tegenover mij. En daar bleef het niet bij, er kwamen drie reekalfjes achteraan. Gevieren gingen ze staan grazen. Ik hield mijn adem in, dit kom toch niet waar zijn. Niet eerder had ik drie reekalfjes gezien en van zo dichtbij. Ik voelde me overrompeld, zoveel ree aanwezigheid in zo ’n korte tijd. Het hield me bezig. Ik wist geen antwoord. Mijn ratio kon niets bedenken.

Het tweede deel van deze belevenissen speelde zich een maand later af. Ik had me ingeschreven voor een zomerweek met Daan van Kampenhout in Zuid-Frankrijk. Ik ging ernaar toe met fiets en fietsbus. Het was een nacht in de bus en twee dagen fietsen vanaf waar de bus mij afzette naar de plek voor de zomerweek. Eén nacht wild kamperen in de open lucht. Tenslotte was dit Zuid-Frankrijk. Toen ik na een nacht slapen in de bus naar buiten zat te kijken zag ik in een veld een ree staan die (zo ervaarde ik dat ) met voorpoten wijds naar mij stond te kijken. Net als de ree in het bos een maand eerder. Ik was op slag wakker en gealarmeerd. Wat was dit nu toch met die reeën? Het was een ongewone pose. Zo stonden ze niet. Reeën grazen of kijken op, maar niet zo wijdbeens recht naar mij toe, terwijl ik in een bus zit op de snelweg. Die nacht sliep ik midden in een bos, op een geschikte plek.

’s Ochtends werd ik wakker van een galopperend geluid. Ik schrok op, zat rechtop in mijn slaapzak, er denderde iets langs me. Ik keek om en zag een grote mannetjes ree, steigerend op twee poten en brullend naar mij. Toen was hij weer weg. Ademloos bleef ik achter. Het was een verpletterend viriel geluid en het beeld liet me niet meer los. Meer dan wat ook was het een energie. Eigenlijk in al die ontmoetingen zat een energie, die zo bekend was, die iets in mij raakte, maar wat?

Die dag kwam ik aan in het centrum in de Dordogne. Ik zette mijn tent zo ver mogelijk weg van het huis. Die avond ging ik niet al te laat naar mijn tent. Ik wilde net in mijn slaapzak gaan toen er een aantal reeën langs mijn tent galoppeerden. Ik had het niet meer. Ik deed die nacht geen oog meer dicht.

Nu is er nog iets dat ik moet vertellen voordat ik dit verhaal kan afronden. Ik was in deze tijd bezig met de relatie met mijn vader. Die was jong overleden. Hij was 55 jaar en ik 14. Na zijn dood had ik hem gewist uit mijn herinnering. Voor mij had hij altijd op een grote, onbereikbare hoogte gestaan en ik had het gevoel dat hij hevig teleurgesteld was in mij als zoon. 30 Jaar lang had ik niet aan hem gedacht. Mijn moeder vroeg er wel eens naar “denk je nog wel eens aan je vader?” Oh, ja ik had een vader dacht ik dan. Maar in deze tijd, nu mijn zoektocht in het leven inmiddels zo ‘n 20 jaar gaande was, had ik twee sessies gedaan bij de peetvader van de reïncarnatie therapie, Hans van Dam. In die sessies was mijn vader prominent naar voren gekomen. Als gevolg daarvan had ik het idee opgevat om een nacht wakker te blijven en te kijken of ik “contact” met hem kon krijgen of in ieder geval herinneringen of zo. Tenslotte was hij mijn vader. Daan had gesuggereerd om zo’n nacht in deze week te doen. Dat paste ook helemaal in het thema van deze week, de “Lodge of the Ancestors”.

Een van de eerste dagen ging ik naar buiten om een goede plek te zoeken waar ik een nacht kon doorbrengen om te kijken of ik contact kon krijgen met mijn vader. Toen ik naar buiten ging begon het te regenen. Ik ging maar weer naar binnen, het kon ook later. Na de lunch ging ik weer naar buiten. Het begon opnieuw hard te regenen. Ik ging maar naar mijn tent om te schuilen en even op mijzelf te zijn. In mijn tent gekomen nam ik een notitieschrift. Er viel een blaadje uit. Ik pakte het. Het was een gedicht dat mijn vader geschreven had. Voor zover mij bekend had hij twee gedichten gemaakt, een kende ik goed en dit gedicht had ik enkele jaren geleden gevonden in de nalatenschap van mijn moeder na haar overlijden. Ik begon het gedicht te lezen. Mijn adem stokte. Er sprak een sterke indringende viriele energie uit. Dezelfde energie die ik geproefd had bij de steigerende ree enkele ochtenden eerder. En als donderslag bij heldere hemel werd het me duidelijk: in al die bizarre ontmoetingen met reeën zat die energie van mijn vader. Mijn vader had zich vijf keer aan mij vertoond! Ik zocht hem en hij liet zich zien!

Op dat moment werd er diep in mij iets heel erg geraakt. Ik voelde een intense erkenning. Een erkenning die ik tijdens zijn leven niet gevoeld had, maar zo ongelooflijk gemist had. Ik schreeuwde, brulde het uit. Er kwamen tranen, heel veel tranen. Ik kwam steeds dieper bij mijn verdriet. Ik ging tot de bodem, ik kwam bij de bron van mijn verdriet en ervaarde een catharsis! En: ik voelde me zo gezien door hem, zo erkend. Wat een ongelooflijke gift, wat een ongelooflijk cadeau.

En wat misschien wel het meest onwaarschijnlijk was: die zekerheid. Er was geen spoortje twijfel. Ik wist zeker dat mijn vader aan mij was verschenen in de gedaante van ree. Ik, die altijd onzeker is, die altijd twijfelt. Al mijn hele leven lang. Het was een levens veranderend inzicht.

Op dat moment ook wist mijn ratio zich geen raad meer. Op dat moment gaf mijn ratio zich over: ja, er is een andere perceptie van de werkelijkheid mogelijk. Een werkelijkheid waarin de gebruikelijke natuurwetten niet gelden. Een magische werkelijkheid. Mijn ratio kon er niet meer omheen.

Dit verhaal is zo doordrenkt van magie, van synchroniciteit, van “als het niet geregend had, was ik niet naar mijn tent gegaan; als het briefje niet na al die jaren net nu uit mijn notitieboek was gevallen… als niet net… etc..

En dan de vraag van de ratio: hoe kan dit, wie doet dit of nog beter: welke kracht is hier aan het werk?

En het verhaal is nog niet afgelopen. Het kreeg nog twee staartjes.

Ik heb mijn verhaal gedeeld met de groep. De kok was erbij. Het was zijn tweede week. De week ervoor was er ook een groep geweest. Naderhand schoot hij me aan. Hij wilde me nog iets vertellen. De laatste middag dat de groep bijeen was waren ze buiten en zagen een ree, die naar de groep stond te kijken. Het was zo bijzonder geweest, want op een gegeven moment stond de hele groep te kijken en de ree bleef staan kijken. Zo stonden ze een tijdje, de ree en de groep, tot die wegrende. De hele groep had zich erover verwonderd.

Na afloop van deze zinderende, magische week, waarin er nog veel meer bijzondere dingen gebeurden en het een aaneenschakeling was van gebeurtenissen met een grote synchroniciteit tussen de deelnemers, kwam mijn vrouw me afhalen en gingen we naar een camping dichtbij. Aan het eind van de middag stond plotseling de eigenaar van het centrum voor onze tent. Ook hij had nog iets toe te voegen. Aan het begin van de middag was hun hond plotseling in de buurt van het huis gaan graven en had geblaft. Toen ze kwamen kijken vonden ze een gewei van ree. Ook zij kenden mijn verhaal en vonden dat het gewei bij mij hoorde. Ze waren me gaan zoeken op de camping en hadden me nu gevonden. Innig dankbaar heb ik het gewei in ontvangst genomen. Thuis in Nederland heb ik er een voorouderaltaar van gemaakt. Het staat nog steeds in mijn woonkamer.

Is dit verhaal te bizar voor woorden? Is dit een uniek, uitzonderlijk verhaal? Overkomt alleen mij zoiets? Nee, na al die jaren blijkt dit niet ongewoon. Het blijkt een manier waarop overledenen zich tonen aan nabestaanden. Een manier waarop ze contact zoeken of leggen met levenden.

Twee voorbeelden. Ik ben in mijn vrije tijd ook buurtbemiddelaar. Als vrijwilliger bemiddel je bij ruzies tussen buren in je eigen wijk. Je doet dit altijd met z’n tweeën. Na afloop ging de andere bemiddelaar nog even met mij mee voor een kop koffie en om na te praten over onze ervaring. Ik had het op een gegeven moment ook over mijn sjamanistische levenswandel. Hij keek me aan en zei toen dat hij ook wel een vreemde ervaring had. Hij fietste vaak in de avond door een bos en kwam een keer een dier tegen. Hij wist niet precies wat het was, maar voelde onmiddellijk dat het zijn overleden grootvader was. Verder had hij niet veel met dit soort dingen, maar dit wist hij zeker.

Onlangs was ik gastdocent bij een sjamanistische jaartraining. Een deelnemer vertelde dat hij tijdens het overlijdensproces van zijn vader een jaar geleden steeds reeën had gezien. Dat had hij wel bijzonder gevonden en hij interpreteerde het ook als een soort boodschap. Hij zat nu in een moeilijke periode in zijn huwelijk, een scheiding dreigde. Hij wist niet wat te doen. De afgelopen week had hij twee keer bijna met de auto een ree aangereden. Beide keren was de ree vlak voor zijn auto over gestoken. Beide keren kon hij hem gelukkig ontwijken. Hij vertelde dat het zijn overleden vader was, die liet weten hem te steunen. Voor hem voelde dat ook als een zekerheid. Geen twijfel. En ook voor hem was dat gevoel van zekerheid bijzonder.

Deze verhalen staan niet op zich. Er zijn veel meer van dit soort verhalen. In de mythologie en in boeken. En ze worden vaak vergezeld met dat gevoel van zekerheid. Die zekerheid die juist gevoeld wordt bij dit soort onwaarschijnlijke verhalen.

  1. Synchroniciteit in Amerika

Ik heb er al eerder over geschreven. Die op het eerste oog los van elkaar staande gebeurtenissen, waar toch een samenhang tussen blijkt te bestaan. De beroemde Zwitserse psycholoog Jung noemde het synchroniciteit. Iedereen kent het op een bepaalde manier wel. Het bekendste voorbeeld: je denkt net aan iemand, waar je jaren niet aan gedacht hebt en op hetzelfde moment belt diegene je.

Ik ben het veel tegen gekomen in mijn leven. Veel daarvan is eigenlijk “te gek om waar te zijn”. En toch gebeurde het. Eén zo’n samenloop van omstandigheden behoort tot de meest spectaculaire. Het gaat om gebeurtenissen rond en tijdens een reis in de VS een aantal jaren geleden. Ik ging naar de School of Lost Borders. Een toonaangevend instituut op het gebied van de vision quest. Ik ging daar een heel speciale training doen, de “Ballcourt”. Deze training is geënt op het balspel van de Maya’s, dat in een speciaal veld bij hun pyramides werd gespeeld. Eens in de veertig jaren kwamen de beste spelers uit het Maya-rijk bij elkaar. Degene die won mocht dood. Degene die verloor moest blijven leven. Leven was immers lijden en de dood was een begeerlijker status. De kern van de twaalfdaagse training werd gevormd door een vierdaagse vision quest, met als thema “leven en dood”. De eerste dag wijdde je aan je besluit om de training te gaan doen (het balspel te gaan spelen). De tweede dag besteedde je aan “in het reine komen met je omgeving”. Want als er iets is waarmee je nog niet in het reine bent, word je afgeleid tijdens het balspel en verlies je de wedstrijd. De derde dag ging over in het reine komen met jezelf. Want als er nog iets is waar je niet mee in het reine bent met jezelf word je afgeleid bij het balspel en verlies je op de Ballcourt. De vierde dag ging je naar de Ballcourt om te spelen. Na de training gingen mijn vrouw en ik nog twee weken met een huurauto op vakantie o.a. in de prachtige natuur van de Mohave Dessert en Joshua Tree National Park.

Op deze reis ging alles mis. Gelukkig niets ernstigs, niets rampzaligs, maar wel heel systematisch. En ook de buitenwereld deed daar volop aan mee.

Het begon met het via internet inchecken van onze vlucht naar Las Vegas. Van daar uit ging de reis per huurauto via Death Valley (met het laagste punt van de VS) naar de Owen Valley in Zuidoost-Californië, waar de School of Lost Borders is. Ingebed tussen de Inyo Mountain Dessert en de Sierra Nevada (met het hoogste punt van de VS). De vluchten waren omgeboekt van KLM naar Delta Airlines en daarbij was iets mis gegaan met onze vlucht. Die was er nog wel, maar was niet via internet vindbaar. We konden alleen op Schiphol inchecken. Met enig gedoe lukte dat. Daardoor hadden we echter niet de gereserveerde plaatsen aan het raam. We kwamen ergens midden in het toestel terecht. Op zich niet erg, maar het bleek dat ik de enige of een van de weinige plaatsen had, waar onder de stoel voor mij een metalen plaat zat, waardoor ik mijn benen niet kon strekken. Negen uur lang niet. En de vlucht was vol, dus er was geen andere plaats beschikbaar. Het viel mee. Het lukte om de reis redelijk te overbruggen. Bij aankomst op de luchthaven bleek de rugzak van mijn vrouw niet bij de bagage te zitten. In plaats van meteen door te reizen, moesten we een dag in Las Vegas blijven en hebben eerst ’s ochtends noodzakelijke, ontbrekende spullen aan geschaft. Daarna zijn we met onze auto naar de Red Rock Canyon Mountains gegaan. Een mooi bezoek. Om twaalf uur ’s nachts werd er op onze hotelkamer geklopt en werd de rugzak gebracht. De mogelijkheid om gelijk door te reizen en in Death Valley een medicijnwandeling te doen, was echter verdwenen.

De training begon op een camping in de vallei, de Owen Valley. De dag erna zouden we naar het basiskamp, diep gelegen in de Inyo Mountains, gaan. Maar de Inyo Mountains hadden net een van de koudste winters ooit achter de rug en er lag nog sneeuw. We moesten daarom enkele dagen langer in de vallei op een gewone camping blijven. Na enkele dagen konden we alsnog de bergen in. Bij terugkomst van de vierdaagse quest was het weer omgeslagen en was het heet geworden. Zelden was het in deze tijd van het jaar zo heet geweest als nu werd ons verteld.

De training verliep goed tot aan de dag dat we zelf onze vision quest plek gingen zoeken. Ik doe dat heel intuïtief en voel waar mijn voeten heen willen. Dat gaat heel goed en na enige tijd had ik een prachtige plek gevonden waar ik heel blij mee was en die heel goed voelde. Ik ging heerlijk in de rust en stilte zitten, genoot van het uitzicht en het vooruitzicht hier vanaf de volgende dag vier dagen te blijven. Toen hoorde ik echter plotseling stemmen en geluiden. Nogal dichtbij. Verstoord keek ik op en ging op onderzoek uit. Het bleek dat ik onbewust in een rondje had gelopen en dichtbij het basiskamp zat. Ik kon de geluiden daarvan horen. Dat was niet de bedoeling en dat was niet de rust en stilte waar ik naar verlangde. Ik heb de plek dus maar gelaten en ben op zoek gegaan naar een nieuwe plek, beter oplettend dat ik nu in de goede richting liep. Na veel zoeken vond ik een nieuwe, maar ik voelde me er minder thuis dan op de vorige. Ik ben er vier dagen gebleven, maar kon er mijn draai niet helemaal vinden. Het kwam niet meer echt goed tussen mij en de plek.

Op de vroege ochtend van de dag waarbij ik aan de vierdaagse vision quest zou beginnen werd ik wakker, keek naar mijn pink en zag dat hij er slap bij hing. Geen pijn of wat dan ook, maar er zat geen kracht of beweging in. Later bleek het een zgn. “mallet” pink te zijn. Ik had er niets van gemerkt. Fysiek voelde ik me een wrak. Ik had intens last van hartritmestoornissen. Dat heb ik al veertig jaar, maar nooit in die mate als die ochtend. Je zou snel denken: dat zijn de zenuwen, maar het was mijn zesde vision quest en ik had dit nooit eerder gehad en ik voelde me ook niet extra gestressed of wat dan ook. Ik kon niet staan. Zodra ik ging staan had ik het gevoel bewusteloos te raken. Dat heb ik daarvoor en daarna nooit meer gehad. De poort, waar je doorheen gaat van de alledaagse wereld naar de vision quest wereld, is een cirkel gemaakt van stenen. Eén voor één stap je de poort binnen, krijgt een gebed mee van de begeleiders en stapt er uit en gaat alleen naar je vision quest plek. Ik was niet in staat daar te staan. Ik zat op een stoel. Ik was niet in staat zelf mijn bagage te dragen. Eén van de assistenten heeft dat voor mij gedaan. Ik keek naar mezelf met mijn enorme ervaring als quester (er zelfs al zes gedaan) en als doorgewinterde vision quest begeleider. Al tien jaar organiseerde ik ze. Nu: een oud mannetje dat bij de poort op een stoel zat en niet in staat was zijn bagage te dragen. Ik moest mijn zelfbeeld even flink bij stellen.

Die vier dagen en nachten ging het door.

Mijn pink bleef natuurlijk lam. Het bleef ongewoon koud: mijn water was ’s ochtends bevroren. Daarom had ik bedacht dat ik vanwege de kou overdag op de heuvel zou bivakkeren, maar ’s nachts beneden in de vallei. Daar was het warmer en had je minder last van de wind. Tenslotte sliep je alleen maar beschermd door een plastic zeil dat aan één kant open was. Overdag was het zonnig. Maar de vallei grensde op enige afstand aan een soort onverharde weg. Geeft niet, hier komt toch niemand. Dit is “no-mans-land”. Dat was een misrekening. Al op de eerste dag werd ik gestoord door een aanzwellend lawaai. Ik ging naar een plek waar ik de weg kon zien en zag tot mijn verbazing het ene voertuig na het andere aankomen. Het bleek een soort konvooi te zijn. Ik schrok want vanaf de weg was mijn plastic “schuil” tent zichtbaar. Een stuk of twintig auto’s (vooral landrovers) passeerden mijn plek. Tot mijn schrik stopten ze. Maar tot mijn opluchting reden ze vlak daarna weer door. Bijna iedere dag kwamen ze langs en was de buitenwereld dus opdringerig aanwezig! Mijn plek bleek op meerdere punten niet ideaal.

Tijdens die vier dagen explodeerde plotseling mijn zaklamp toen ik hem aandeed. Ik had hem al lang, maar nu was het moment daarvoor. Het lampje sprong echt uit elkaar. De laatste nacht voelde de grond plotseling erg hard. Mijn isolatiematje bleek lek. Ook dit had ik meer dan tien jaar en ik had er ieder jaar mee gekampeerd. Nu was blijkbaar het moment.

Twee nachten heb ik hele nacht gewandeld. Prachtig om te doen. Maar de eerste keer kon ik natuurlijk mijn plek niet meer vinden. Door heel systematisch terug te gaan lopen lukte dat alsnog. De laatste dag ging je naar de “Ballcourt”. Het viel bijna te voorspellen, maar ik kon de weg terug niet meer vinden. Lang heb ik lopen zoeken in bekend en soms in totaal onbekend terrein. In zo ’n situatie kan ik wanhopig worden en koortsachtig, ongecontroleerd en niets ontziend door de natuur gaan ronddolen. Uiteindelijk kwam ik in een gebied dat ik weer herkende en kwam in de buurt van mijn plek. Maar eerst nog stormde ik als een dolle stier midden door de plek van mijn buddy. Ik dacht dat ze er niet was en nog op de Ballcourt was, maar toen ik mijn heuvel op klom zag ik dat ze onder haar plastic cover zat. Op dat moment ging ik door de grond. Ik, die quests begeleid en er altijd op hamer om de plek en de afzondering van de quester te respecteren, altijd uitleg dat de afzondering heilig is, struinde zo maar dwars door het heilige gebied van mijn buddy. Mijn hele zelfbeeld kantelde. Ik begreep: ik ben iemand die je niet kan vertrouwen! Ik voelde alleen nog ellende. Wat een blunder! Gelukkig had ik op mijn plek een boom, die ik als “voorouderboom” had bestempeld en waar ik zo nu en dan bij ging zitten om met de voorouders te praten. Ook nu leek me er nog maar een mogelijkheid: er met de voorouders over praten. En gelukkig, die vroegen: “Rob, heb je ook bedacht dat een mens een fout kan maken. Dus vraag jezelf af of je iemand bent die niet te vertrouwen is of dat je een fout hebt gemaakt”. Een hele geruststelling, maar het gevoel van een kater bleef.

Ook tijdens de quest ging het anders dan gepland. Omdat ik net mijn eerste boek had gepubliceerd en nu zo’n ruim twintig jaar met sjamanisme bezig was, hadden de begeleiders mij voorgesteld om tijdens de vier dagen dat te vieren. Vier je boek en twintig jaar sjamanisme. Dat leek me een heel goed idee. Ik geloof dat ik dat op de tweede dag van plan was. Ik ging er eens voor zitten om alle mooie dingen uit de afgelopen twintig jaar boven ter laten komen. Maar het tegenovergestelde gebeurde: er kwamen alleen maar missers. Grote en kleine blunders uit mijn leven kwamen langs. Het werd een ritueel van schaamte, van missers, van dingen, die ik fout had gedaan, van diep ellendig voelen.

Met de quest en de training was het nog niet afgelopen. Na de vision quest ging het door. De synchroniciteit ging door!

Tijdens een wandeling in de bergen van Joshua Tree National Park (met hele stille campings waardoor je onder de sterren zonder tent kon kamperen) liet plotseling de zool van een van mijn bergschoenen los. En niet zo maar: in no time had de hele zool los gelaten. Gelukkig was ik in het bezit van elastiekjes en kon ik de zool op die manier provisorisch vast maken en er op doorlopen. Een half uur later gebeurde hetzelfde met de zool van de andere schoen. Bergschoenen, waar ik al jaren met veel plezier op liep hadden besloten om op deze reis beide binnen een half uur onklaar te worden. Geen zool, die wat gaat wijken en daarna iedere wandeling wat verder gaat zoals je zou verwachten. Nee, plotdeling in zijn geheel loslaten! Allebei.

Op een dag gingen we met onze huurauto naar één van de prachtige campings. Deze lag boven de 3000 m hoogte. Toen we daar aangekomen de motor wilden uitzetten konden we de sleutel niet omdraaien. Die bleek vast te zitten. En niet zo maar een beetje. Wat we ook probeerden we kregen er geen beweging in en de motor bleef lopen. Gelukkig kwam er een klein konvooi Amerikanen aan, bereid om te helpen en met enkele deskundigen in hun midden. Maar na een uur gaven ze het op. Het lukte niet. We besloten terug te gaan naar de vallei en in het dorp te bellen met ons autoverhuur bedrijf. Ook in het dorp bleken er mensen te zijn, die zich met al hun technisch kunnen op de auto wierpen, maar ook zij zonder resultaat. Er was geen beweging in de sleutel te krijgen en de motor bleef rustig doorgaan. Na veel overleg bleek ook het verhuurbedrijf overtuigd dat er maar één oplossing was: een vervangende huurauto. Die moest van ver komen. De rest van de dag zaten wij in tuinstoeltjes het wel en wee van het dorp gade te slaan. Totdat tegen elf uur ’s avonds de huurauto kwam en de monteur via het losmaken van kabeltjes de motor eindelijk uit kreeg.

Maar ook na de vakantie had Spirit nog een toegift in petto. Ik ging met mijn lamme pink naar de dokter, die me doorstuurde naar de plastisch chirurg. Er bleek een zenuw losgescheurd, waardoor een verbinding verbroken was. Het kon herstellen door de pink in het gips te zetten. Zes weken lang ben ik naar het ziekenhuis geweest om steeds weer nieuw gips te halen. Daarna kwam ik terug bij de plastisch chirurg. Die ontstak in woede, want het was niet goed gedaan. De pink had rechter gezet moeten worden. Er zat nog iets speling in waardoor de pees niet geheeld was. Er werd onmiddellijk kwaad naar de betreffende afdeling gebeld. Het moest over! Maar omdat er zo lang verstreken was, moest het nu drie maanden gespalkt worden. Na die drie maanden was de pink deels hersteld en daarmee was dit verhaal van de ongelooflijke overvloed aan synchroniciteit beëindigd.

En de betekenis? Waarom moest dit alles in zo’n onvoorstelbare veelheid van gebeurtenissen plaats vinden?

Mijn begeleiders bij de training zeiden: “Deze quest gaat over het missen van een degelijk anker in de alledaagse wereld. De alledaagse werkelijkheid”. Ik heb een prachtig anker in de andere werkelijkheid en ik had/heb ook een prachtig anker bij mijn vrouw (al dertig jaar samen).Maar ik heb geen degelijk anker in de alledaagse werkelijkheid. Vooral voel ik me mede verantwoordelijk om een bijdrage te leveren aan het oplossen van alle ellende in de wereld. Ik wind me erover op. Het haalt me uit mijn kracht. Ik laat me er door meeslepen de verontwaardiging in. Ik laat het niet bij Spirit.

En de quest ging natuurlijk over “overgave”, zoals dat ook heet “meegaan met dat wat is”. Patronen worden doorbroken, permanent wordt flexibiliteit gevraagd.

Sindsdien ben ik me veel meer bewust geworden van mijn gebrekkige relatie met de alledaagse wereld. En heb ik ook stappen gezet om die te verbeteren. Zo ben ik b.v. buurtbemiddelaar geworden, bemiddelen in burenruzies in je eigen wijk in de stad. Ik heb me aangesloten bij een actiegroep voor schone lucht in Rotterdam en bij een energiecollectief. Maar het werkt ook andersom: de buitenwereld bemoeit zich ook meer met mij. Zo ben ik gevraagd voor en geef ik nu ook vision quests aan het bedrijfsleven. Mensen die niet zomaar een spiritueel pad lopen.

Zes vision quests had ik al gedaan. Nooit eerder was ik zo aan het knoeien, was het zo ’n gedoe, was het zo’n zoeken, zo niet je plek vinden. Zoveel schaamte, ellendig voelen, alsof ik aan het begin van mijn zoektocht in het leven stond. Het was ook een roep om nederigheid.

Ondanks dit alles was er ook veel moois, zelfs in deze quest.

En hoe magisch was niet deze ongelooflijke keten van voorvallen, waarbij iets mis ging. In de buitenwereld en in de binnenwereld. Wat een adembenemende synchroniciteit.

12 “Teachings” van coyote

Hulp

Ik mocht dan het inzicht hebben gekregen dat ik geen goed anker had in de alledaagse wereld, maar dat betekent niet dat je een knop omdraait en een anker creëert. De grote vraag was: “Hoe doe je dat?” Gelukkig kwam coyote mij te hulp.

In de kamer waar ik mijn privé sessies houd, heb ik een soort altaar in de vorm van een doek waarop een aantal voorwerpen liggen. Voor mij is datgene wat in het centrum ligt het thema dat op dit moment speelt in mijn leven. Jarenlang lag daar een beeldje van een libelle. Toen ik op een keer weer bij mijn altaar ging zitten en ernaar keek voelde het niet meer goed. Het klopte niet meer. Ik haalde de libelle weg uit het centrum. Maar wat dan? Wat wilde nu in het centrum? Ik keek rond. Aan de rand van het doek lag een schedel van een coyote. Die had ik eens op een heel bijzondere manier gekregen. En het was duidelijk: coyote wilde in het centrum. Ik pakte de schedel op en legde die neer. Maar daarmee voelde het nog niet rond. Er miste nog iets. Ik zag een adelaarsveer en plaatste die rechtop in de coyote schedel. Dit klopte. Het was een heel krachtig beeld. Eigenlijk te krachtig vond ik. Het had iets opdringerigs. Macho-achtig. Maar het klopte wel. Dit was wel wat nu nodig was in het centrum. Blijkbaar was dit nu mijn thema. Waar ging dat over? Waar staan coyote en adelaar voor?

Ik heb een speciale connectie met coyote. In mijn vorige boek heb ik er dan ook een apart hoofdstuk aan gewijd. In het sjamanisme wordt coyote gezien als de nar onder de dieren. De clown. Degene die je altijd op het verkeerde been lijkt te zetten, die grappen met je uithaalt. Maar de nar is de enige in het rijk die de koning de waarheid mag zeggen en hij doet dat, net als de clown, op een humorvolle manier. Dat geldt ook voor coyote. Coyote zorgt voor chaos in je leven. Coyote gooit je patronen door elkaar. Op die manier zorgt coyote voor vernieuwing. Je wordt gedwongen je patronen los te laten en daardoor kunnen er nieuwe ontstaan. Coyote is dus een hele wijze leraar.

Ik was me van deze eigenschap van coyote bewust toen ik hem daar in het centrum zag. Maar wist ook dat het onontkoombaar was. Blijkbaar was er een nieuwe fase in mijn leven aan de orde. Met adelaar had ik een wat ambivalente relatie. Veel mensen willen adelaar als krachtdier. Hij behoort tot de populairste dieren wat krachtdieren betreft. Ik had moeite met adelaar. Ik vond het eigenlijk nogal een macho-dier. En dat riep teveel herinneringen aan mijn vader op. Mijn vader, adelaar, een soort onbereikbaar ideaal. Iets waar ik veel te klein voor ben. Wie ben ik, dat ik me zou mogen spiegelen aan adelaar?

Bijna tegelijkertijd deed ik een tarotlegging. Eén van de belangrijkste kaarten in die legging was een kaart die symboliseerde welke kracht op dat moment “dwars” ligt in je leven. En dat was de kaart van de keizer. De “adelaar” van de tarot. Blijkbaar was dit thema aan de orde in mijn leven.

Coyote en adelaar. Ik heb het geweten. In het jaar dat er op volgde en in het anderhalve jaar dat coyote in het centrum lag is werkelijk bijna alles in mijn leven vernieuwd. Het bizarre was dat het op zoveel verschillende terreinen van mijn leven was. Ik heb al over synchroniciteit geschreven. Deze periode deed de vorige verbleken.

ICT

Coyote wilde in de herfst van 2014 de plaats in het centrum van mijn altaar-doek innemen. In november begon het. Ik had een één jaar oude smartphone. Die deed het plotseling niet meer. Het beeld bleef zwart. Dus maar bellen met de provider. Die concludeerde dat de sim-kaart mogelijk kapot was. Ik kon een nieuwe smartphone leasen. Eigenlijk was ik daar wel blij mee, want ik had me deze laten aansmeren en was er helemaal niet blij mee. Ik vond een nieuwe en daar was ik erg tevreden mee. Niet lang daarna deed mijn, nog niet zo oude, kleurenlaserprinter het niet goed meer. Ik kreeg bij iedere afdruk een vieze zwarte streep aan de zijkant. Het leek me geen ernstig probleem. Dus ik belde naar de fabrikant. Die gaf suggesties, die niet bleken te helpen. Opnieuw bellen, opnieuw suggesties, die opnieuw niet bleken te helpen. Zo ging het een tijdje door. Het klinkt hier heel simpel, maar dat was het natuurlijk niet. Want lange menu’s doorlopen, lange wachttijden en dat steeds opnieuw. Uiteindelijk lukte het niet het probleem op te lossen. Dus dan maar “student aan huis” inschakelen. Een goedwillend iemand heeft een middag tevergeefs door gebracht in de hoop de printer te kunnen repareren. Toen gaf ik het op en besloot dat ik beter een nieuwe kon kopen. En dat heb ik gedaan: een betere, want ik kocht een draadloos werkende kleuren laser printer. Ik was er blij mee.

Wat later dat jaar hoorde ik toevallig van mensen dat ze niet op mijn website konden. Toen ik dat bericht van meerdere personen kreeg ben ik maar eens met de host gaan e-mailen. E-mail, want je kon niet bellen. Ze schreven dat ze mijn website uit de lucht hadden gehaald omdat hij gehackt was! Blijkbaar vonden ze dat geen reden om aan mij te melden. Ik vroeg aanwijzingen om het te herstellen en de website weer in de lucht te krijgen. Daarna volgde een frustrerende tijd van e-mail sturen, wachten op antwoord, cryptische, onbegrijpelijke antwoorden krijgen, weer e-mail, weer wachten, herinneringen sturen, eindelijk weer eens een antwoord etc.. Al met al resulteerde het erin dat we deze host aan de kant zetten en met een nieuwe, veel betere in zee gingen, waar we wel prettig mee konden bellen en die heel behulpzaam bleek. Ik ben nog steeds blij met deze website host.

Hier bleef het bij, want meer ICT had ik niet.

Huis en tuin

Vernieuwing was er ook op het “woonfront”. We kregen aan beide kanten nieuwe buren. Aan de ene kant was dat na ruim dertig jaar. Aan de andere kant was dat na vijf jaar. Dat speelde zich binnen een maand af. De ene kwam in december, de ander in januari. Voor mij spannend, want het eerste deel van de tuin is een verhoogd terras met schutting, maar daarna lopen de drie tuinen in elkaar over en is er geen afscheiding. Het is dus extra belangrijk wat voor buren je krijgt. Dat bleek geen probleem: het bleken heel prettige buren te zijn.

Nu was bij de aankoop van het huis bij een van onze buren kelderzwam ontdekt. Dus in januari lieten wij onze kruipkelder ook maar eens controleren. De diagnose bleek rampzalig. Een meerderheid van de steunbalken bleek aangetast. En wel zo dat je makkelijk een schroevendraaier in de balk kon steken. De conclusie was dat alle steunbalken, maar ook de houten vloeren van de woonkamer en de gang verwijderd moesten worden, waarna de ruimte behandeld kon worden tegen zwam. Dat betekende dus een majeure operatie in het huis. We besloten van de nood een deugd te maken en twee andere majeure vernieuwingen aan te brengen. De badkamer was nog in oude staat met een oud bad, dat we nooit gebruikten. We besloten daar een inloopdouche en een prachtige tegelvloer aan te brengen. Verder werd ons huis verwarmd met drie kachels. Twee in de woonkamer en één in de kamer waar ik mijn sessies deed. We besloten het huis maar “up-to-date” te maken en centrale verwarming te installeren, waarbij we kozen voor eco-radiatoren. Dat werd ook een gigantisch project, waarvan de uitvoering begon in mei en pas eindigde in november, na de nodige “problemen om wanhopig van te worden”. Een half jaar later dan we dachten. Maar toen hadden we prachtige vloeren, zeer goede vloerisolatie en was het huis geschikt voor de toekomst.

De buren aan de ene kant constateerden dat een deel van hun tuin bijna permanent onder water stond. De wijk waar ik woon heet “Bergpolder” en de grond verzakt dus in de loop van de tijd. Als drie nieuwe buren overlegden we en besloten om onze (gezamenlijke) tuinen 50 cm op te hogen en dus ook de tuin meer toekomst bestendig te maken. Het betekende dat we, alleen al voor mijn huis, in februari 1000 zakken tuinaarde en 8 kuub zand opbrachten. Maar het heeft een prachttuin opgeleverd. En steeds met nieuwe buren overleggen en een gezamenlijk project uitvoeren betekent dat je elkaar goed leert kennen en met elkaar vertrouwd raakt.

Tot overmaat van ramp bleken we voor het eerst in dertig jaar dat jaar lekkage te hebben. Niet dramatisch, maar wel kwamen er paddenstoelen uit het plafond in de badkamer. Later bleek er ook lekkage in de sessiekamer, en enkele andere plaatsen. Het heeft lang geduurd voordat deze lekkages definitief verholpen waren. Reparaties gaven duidelijk verbetering, maar losten de problemen niet helemaal op. Nu dus lekkage op heel verschillende plaatsen, aan verschillende kanten van het huis, ook in dit jaar en dat terwijl we in die dertig jaar nooit eerder een lekkage hadden gehad.

De Keizer en de Priesteres

Mijn vrouw was in september met pensioen gegaan. De eerste drie maanden waren besteed aan allerlei “inhaal-zaken”, maar nu had ze toch een zee van tijd voor zich. Wat nieuw was voor mij, zij was nu, vanaf januari, ook hele dagen thuis. Ik moest mijn rijk plotseling met haar delen. Dat was wel even wennen. Wat nog meer wennen was betrof de plotselinge rolverdeling in huis door alle verbouwingen. Mijn vrouw is een klusser, daar is ze goed in en ook geïnteresseerd om alle mogelijke alternatieven te onderzoeken. Ik heb geen interesse in klussen, ik laat dat graag over aan anderen. We hadden dus een rolwisseling: zij voerde de regie over de verbouwingen van het huis; zij onderzocht alles en was de gesprekspartner van alle bedrijven, zzp’ers en bedrijven die bij ons over de vloer kwamen. Ik zorgde voor koffie, thee en kookte en had daarnaast mijn praktijk voor sjamanisme.

In een belangrijke legging van de tarot, die ik in januari deed kwamen de keizer en de priesteres voor. In de tarot duidt dat op een huwelijk tussen deze twee. In ons geval duidde het op een duidelijke rolwisseling. In ons huwelijk bracht ik de vrouwelijke kracht in en zij de mannelijke. Het was even wennen dat zij in huis de regie voerde met de verbouwing. Eerst voelde ik me miskend en genegeerd. Totdat ik bedacht hoe mooi het eigenlijk was. Ik had geen affiniteit met de bouw, zij wel. Zij zorgde dat er goed en degelijk werk geleverd werd. Zij zocht alles uit en voerde intensieve gesprekken met de vakmensen. Ik hoefde alleen maar mee te kijken en mee te kiezen. Dat is toch prachtig. Mijn kracht lag op andere terreinen en daar kreeg ik meer dan voldoende erkenning. Op zo ’n manier heeft het meerwaarde voor ons beiden. Ik kon het me niet beter wensen!

Sjamanisme

Blijkbaar konden ook op sjamanistisch gebied vernieuwingen niet uitblijven. Coyote pakt het ten minste grondig aan. De eerste was dat in januari, degene die als “kok” werkt bij de vision quest in Zuid-Frankrijk, liet weten dat zijn pad nu anders liep en dat hij zijn inspiratie op een ander gebied vond. Daarom zag hij ervan af om ook dit jaar onderdeel te zijn van het vision quest team. Eigenlijk had zich dat al aangekondigd. Hij was al een aantal jaren de vision quest kok geweest, maar in de laatste quest liepen dingen plots op een heel andere, bizarre wijze. Ook toen was er sprake van een adembenemende synchroniciteit aan bijzondere voorvallen. Niet geheel verbaasd ging ik dus naarstig op zoek. Het leidde tot een geheel vernieuwd team. Ik ging de quest samen met een vrouw geven, waar ik dat nog niet eerder mee had gedaan en we werden bij gestaan door twee andere teamleden, die ook de verzorging en het koken op zich namen. Het bleek een gouden greep. We hadden een team dat nauw samenwerkte en zich volledig inzette en toegewijd was aan de quest, de questers en aan hun proces. Alles was er op gericht dat de vision quest zo optimaal mogelijk kon verlopen voor de deelnemers.

Een andere mooie ontwikkeling was dat ik vanaf januari een column kreeg in het schitterende blad Vruchtbare Aarde, dat vier keer per jaar uitkomt. Voor mij een nieuwe mijlpaal.

Fysiek

Bijna mijn hele leven heb ik last van hartritme stoornissen. Niets dramatisch gelukkig, mijn hart is helemaal goed, het is de sinusknoop die niet goed werkt. Maar gevaarlijk is het niet, wel onbehagelijk en ongemakkelijk. Het klopt dan in een heel onregelmatig ritme. Het is overigens ook de motor geweest voor mijn spirituele ontwikkeling. Ik heb dat in mijn vorige boek beschreven. Tot 2011 kon ik een onregelmatig hartritme weer veranderen in regelmatig door iets ritmisch te gaan doen, te joggen, te fietsen of te zwemmen. Toen lukte dat plotseling niet meer. Daarom kreeg ik twee medicijnen voor geschreven: één bèta blokker om het hartritme te vertragen en één voor een betere werking voor de sinusknoop. En toen plotseling, in die bizarre januari maand kwam er een inzicht: ik heb die bètablokker niet meer nodig! En ik nam het risico, ik stopte er mee. Even, een paar weken was het lastig, kreeg ik veel last, begon ik te twijfelen. Toen kwam alles tot rust en ging het veel beter dan daarvoor. Zelfs veel beter dan ooit. Ik was blij dit inzicht gevolgd te hebben. Met dank aan Spirit. Met mijn dierbare sjamanistische krachtvoorwerpen zouden er nog hele andere dingen gebeuren, maar dat was later in het jaar, als een soort afsluiting, een laatste grap/gebaar van coyote.

Vakantie

Eerst nog kwam onze korte vakantie. Mijn vrouw en ik zijn al twintig jaar verknocht aan fietsen en kamperen. Buitenlucht, beweging, alles kunnen zien, kleine stille wegen, natuur. Overal in Europa. Ook nu, maar nu naar natuurcampings in Noord-Nederland en het aangrenzende Duitsland. Dicht bij huis. Bij de eerste regennacht bleek er een plasje water in de tent te staan. Dat hadden we niet eerder gehad. Omdat we al zo lang en ieder jaar kamperen hebben we een kwaliteitstent. Wat nu? Het viel in de rest van de vakantie mee. Met soms stevige regen gebeurde het niet meer. Een raadsel! Wel was de grond waarop ik sliep op een nacht wel erg hard. Mijn isolatiematje, dat we ook al vele jaren gebruikten bleek lek. Dat konden we repareren. We hebben heel simpele stoeltjes, gemaakt van een houten kruis en doek en gebruikten ook die al vele jaren naar tevredenheid. Op een dag in die vakantie zakte ik er door. Voor ons avondeten hebben we een één pits gastoestel. Toen we dit voor de eerste keer aanstaken deed de vlamverdeler het niet. Het gaf één grote vlam. We wisten niet hoe dit te verhelpen, maar ook op één grote vlam kan je koken en dat deden we toen maar. In de loop van de weken werd het steeds beter en aan het einde deed de vlamverdeler het weer helemaal goed. Het viel dus mee. Tenslotte deed ik op een keer de rits van mijn regenjas dicht en hield de “zipper” in mijn hand. Hij ging er plots gewoon van af. Nogal dramatisch: op een fiets/kampeer vakantie is goede regenkleding een eerste vereiste. Gelukkig was het een goede regenjas, die naast een ritssluiting ook van drukknoppen was voorzien en die drukknoppen bleken afdoende tegen regen. Ook dat viel dus mee.

Maar wat te denken van zoveel incidenten tijdens één korte vakantie en juist in dit jaar? Toeval? Haha…. Maar er gebeurde nog iets anders, iets wat minder prettig was. De bossen van Nederland en Duitsland zitten vol teken! Die beestjes die de borelia bacterie kunnen overbrengen, die de ziekte van Lyme kan veroorzaken. En dat kan een heel vervelende ziekte zijn. Door mijn werk als vision quest begeleider waarbij mensen dagen in het bos doorbrengen ben ik me daar heel erg van bewust. Dat is een van de voordelen van Zuid- Frankrijk en Zuid-Spanje. Daar zijn gelukkig geen teken. Mijn vrouw en ik hebben elkaar dan ook iedere avond heel nauwgezet gecontroleerd op teken en de stuk of zes die we vonden weg gehaald. Als je er binnen 24 uur bij bent, is er nog niets aan de hand. Wie schetst dus onze verbazing dat een week na onze vakantie op de rug van mijn vrouw een rode plek (als een insectenbeet) steeds groter werd in plaats van kleiner. En dat nog een week later daar een duidelijke rode ring te zien was. Het kenmerk van de ziekte van Lyme! Een geluk bij een ongeluk is dat door die ring het dus in een vroeg stadium geconstateerd kon worden en meteen een antibioticumkuur gevolgd kon worden. En hopelijk daarmee de ziekte beëindigd. Toen wij ons er verder in verdiepten bleek dat de ziekte van Lyme niet alleen door teken, maar ook soms door andere insecten overgebracht kan worden. Waarschijnlijk was dat in deze curieuze vakantie het geval.

Maar al met al: een vakantie om niet snel te vergeten.

Er kwam nog een onverwacht vervolg op. Ik begeleidde dat jaar o.a. een vision quest in Zuid-Frankrijk. Daar kom ik al sinds 2003 en een quest in Zuid-Spanje en daar kom ik sinds 2011. Nooit heb ik er een teek gezien. Want daarvoor is het te droog. Maar in dat curieuze jaar, in die curieuze zomer werden voor het eerst op beide plaatsen door meerdere mensen teken gesignaleerd!

Kinderopvangcentrum

Tijdens de afgelopen economische crisis hadden kinderopvangcentra het moeilijk. De regering had haar bijdrage aan kinderopvang aanzienlijk terug gebracht. Eén zo’n centrum van familie van mij, dreigde mede door pech, in deze malaise mee gesleurd te worden en failliet te gaan. Ik besloot ze in 2011 financieel te ondersteunen. Er waren in de jaren erna nog enkele rare tegenslagen, waardoor ik besloot nog een paar keer te hulp te schieten. Maar in die eerste maanden van 2015 was het volop crisis. Dat leidde er toe dat we ons echt in alle financiële zaken moesten gaan verdiepen. Vooral vanwege de vraag: wat is het perspectief voor dit opvangcentrum? Is het centrum te redden of toch reddeloos verloren. We zijn er regelmatig naar toe gereisd voor crisisberaad en hebben ons vele, vele uren, middagen, avonden in de cijfers verdiept. Dat was helemaal niet mijn bedoeling geweest. Ik houd niet van financiën en wil me er zo min mogelijk mee bezig houden. Coyote besliste anders. En daarmee liep ook dit gebied synchroon met de veranderingen (crises) op andere gebieden.

Sjamanistische krachtvoorwerpen.

In mijn sjamanistische werk gebruik ik een aantal voorwerpen, die mij zeer dierbaar zijn. Voor buitenstaanders zijn krachtvoorwerpen moeilijk te begrijpen. Door met een voorwerp rituele handelingen uit te voeren, het zogenaamde initiëren krijgen ze kracht. Ze worden opgeladen met een bepaalde energie. En je kunt die voorwerpen dan gebruiken bij rituelen. Ze zijn belangrijk bij het werk van sjamanen en medicijnmannen en -vrouwen. Ik beschik over een paar belangrijke krachtvoorwerpen. Zo heb ik een indiaanse pijp (een chanupa), een ratel van de Kuna-indianen en een schildpadratel van de Micmac-indianen uit Canada. En ook een adelaarsveer, waarover ik al eerder schreef, die ik in het centrum van mijn altaar geplaatst had. Die heeft een ander karakter, want die gebruik ik verder niet.

De chanupa heb ik al een jaar of tien. Ik ben ook lid van een groep die vier keer per jaar bijeenkomt en in de zweethut ervaringen deelt over het gebruiken van de chanupa. De pijp is het belangrijkste heilige voorwerp van de Noord- Amerikaanse indianen en is in het westen bekend als zogenaamde “vredespijp”. Dat komt omdat hij gebruikt werd bij het afsluiten van vredesverdragen tussen blanken en indianen. Maar hij wordt gebruikt bij alle belangrijke rituelen en dus ook bij het sluiten van een vredesverdrag. Er is, o.a. door een van de beroemdste medicijnmannen van de Lakota indianen, een mooi mythologisch verhaal over hoe de pijp bij de indianen gekomen is.

Mijn pijp was op een wonderlijke manier tot me gekomen. Iemand had op een marktje de pijp zien liggen en was er door gefascineerd. Ze wist dat je niet een pijp voor je zelf mag kopen, en steeds als ze haar ogen dicht deed kwam mijn gezicht in beeld. Ze heeft hem gekocht, voor mij, maar vroeg zich wel af of ik wel geïnteresseerd zou zijn. Anders zat ze plots met een pijp opgezadeld. Ik wilde al heel lang een pijp hebben, maar ook ik wist dat je er niet een koopt. Hij moet op je pad kopen. Toen ze belde was ik heel blij en dankbaar. Ze wilde hem zelf de volgende dag komen brengen. Dat deed ze, niet wetend dat precies op die dag het mijn verjaardag was. Wat een pracht van een verjaardagscadeau!

Ik ging in dit “Coyote-jaar” naar Spanje voor de vision quest en nam voor het eerst de pijp mee. Niet handig, als je per vliegtuig reist, want ik heb al veel bagage, maar het voelde heel erg dat het aan de orde was. Dus deed ik het. Na de quest bleef ik nog een paar weken in Spanje. Ik heb in die weken een aantal keren de chanupa gerookt. Ik rookte hem o.a. drie keer voor een vrouw die kanker had en terminaal ziek was. De derde keer klopte ik hem, zoals altijd, na het roken weer leeg. Toen brak de kop in tweeën. Einde van mijn chanupa.

De vrouw voor wie ik de pijp rookte is enkele weken later overleden. Zij was beeldend kunstenaar, zeer verbonden met de natuur en had een medicijnnaam waarin adelaar voorkwam. Ik vond/voelde dat mijn adelaarsveer daarom naar haar achterblijvende partner wilde en vroeg haar of ze die wilde hebben. Dat was het geval.

In november gaf ik een vijfdaagse training. Zo nu en dan gebruikte ik tijdens een ritueel daarbij een ratel gemaakt door de Kuna-indianen. De Kuna-indianen wonen op de Sant Blas eilanden ten noorden van Colombia. Het was een mooie, bijzondere, professioneel gemaakte ratel. Tot mijn stomme verbazing brak hij tijdens het ritueel plotseling door midden. Hij was helemaal kapot. Einde ratel! Het was het laatste wat ik verwacht had omdat het immers een door de indianen gemaakte en gebruikte ratel was en niet zo maar een toeristisch object.

Dat jaar was ook een jaar van afscheid. Want de vrouw, waar ik tien jaar heel intensief mee had samen gewerkt en alle trainingen, themadagen en vision quests had gegeven, was terminaal ziek geworden. Ze was al vijf jaar daarvoor aan kanker geopereerd. Daarna was het goed met haar gegaan en konden we nog trainingen geven, maar nu was de kanker terug gekomen. Ze koos voor kwaliteit van leven en brak al snel een chemo kuur af. Ze voelde zich er erg slecht bij en raakte contact met Spirit kwijt. Zo wilde ze niet leven. Uiteindelijk is ze in februari 2016 overleden. We hebben haar in die laatste weken begeleid met een drumcirkel van meer dan 40 mensen. Een waardig afscheid. Met haar man had ze zelf haar kist gemaakt en samen met anderen beschilderd. Mijn belangrijkste en meest dierbare krachtvoorwerp was een schildpadratel. Altijd als wij samen werkten lagen een mooie sterratel van haar en mijn schildpadratel op het altaar. Op een dag vlak voor de uitvaart werd me plots duidelijk dat ik afstand wilde doen van deze ratel. Het markeerde voor mij het einde van een tijdperk. Tijdens de uitvaart heb ik mijn schildpadratel op de kist gelegd. Het voelde als een afscheid van haar op een dieper niveau en als een onthechtingsritueel. Heel mooi en heel verdrietig.

In de herfst van 2015 zat ik bij mijn altaar, keek er naar en zag dat coyote weer uit het centrum wilde. Blijkbaar was hij niet meer nodig. Raaf nam zijn plaats in. Maar zoals ik hierboven beschreef bleven de veranderingen nog doorgaan. En werden die in dat bizarre jaar afgerond met het loslaten van mijn meest dierbare krachtvoorwerpen: mijn pijp de chanupa, mijn Kunaratel, mijn adelaarsveer en mijn schildpadratel. Ik had geen krachtvoorwerp meer over, naast mijn trommel en een krachtschild, dat voor mij een speciale waarde had. Het gaf een groot gevoel van loslaten en onthechten. Een besef dat een tijdperk werd afgerond en een nieuwe periode aan de orde was. Waar dat nieuwe over ging: ik had geen flauw idee.

Wel had ik een idee wat het breken van de kop van de chanupa voor me betekende. Ik beschouwde het aanvaarden en dragen van een chanupa als een commitment om al het mogelijke te doen om mijn “medicine” in de wereld te zetten. Alles te doen om mijn kwaliteiten en talenten optimaal te benutten voor de wereld. Voor mij voelde het alsof Spirit dit commitment verbroken had. Dat betekende dat ik niet meer “al het mogelijke” behoefde te doen. Voor mij betekende het dat het commitment in mij geïntegreerd was. Ik deed het als het ware vanzelf. Ik hoefde er geen extra moeite voor te doen of het extra aandacht te geven.

Maar ook de adelaarsveer en ratel kregen een vervolg. Niet lang nadat mijn Kunaratel was gebroken ging ik op bezoek bij goede vrienden, die we zo ’n twee keer per jaar zien. Zij wisten wel van mijn huis & tuin perikelen, maar niet van mijn sjamanistische krachtvoorwerpen. Al bij de begroeting aan de deur zei de man: “ik heb iets voor je”. En hij nam me mee naar de tafel in de woonkamer waar een prachtige ratel met een krokodillenpootje op me lag te wachten. Niet zo maar een standaard ratel. Het bleek dat ze hun huis aan het opruimen waren en deze ratel waren tegen gekomen, die hij lang geleden had gekregen van iemand. Hij deed er zelf niets mee. En had besloten hem aan mij te geven.

Enkele maanden later was ik bij iemand, die oorspronkelijk uit Beieren komt, maar al lang in Nederland woont. Zij hoorde het verhaal van mijn adelaarsveer en riep uit: oh, nu weet ik waar de mijne naar toe moet. Het bleek dat ze enkele jaren geleden een grote, prachtige staartveer van een steenarend had gevonden. Maar het voelde niet alsof die voor haar zelf was bestemd. Ze had hem voor iemand anders bedacht. Maar telkens als ze de veer aan die persoon wilde geven voelde ze weerstand en deed ze het niet. Dus alsof de veer toch niet voor die persoon was bestemd. Maar na mijn verhaal kreeg ik de veer. Dat voelde voor haar helemaal goed. Dan had de veer de juiste bestemming bereikt.

Dus plotseling had ik weer een prachtige adelaarsveer en een prachtige ratel. Het voelde erg als vernieuwing. De adelaarsveer legde ik op mijn altaar. Samen met een condorveer uit de Andes en een gierenveer. Door iemand gevonden in Zuid-Frankrijk vormden deze drie veren een driehoek om Raaf, die in het centrum lag. Dat was nu aan de orde in mijn leven. Maar wat dat betkende: nog steeds geen idee. Wel begreep ik waarom Raaf in het centrum lag. Ik was immers van plan een nieuw boek te schrijven, was er al aan begonnen. En de titel van dat boek was: “Magie, het verhaal van Raaf”. Blijkbaar was het schrijven van dit boek aan de orde.

Ik was meer dan ooit verbijsterd door de manier waarop de magische krachten van het universum zich manifesteren.

Nooit eerder in mijn leven is er zoveel in een, relatief zo korte tijd, zo drastisch veranderd in mijn leven. Alle ICT, mijn huis en tuin, de pensionering van mijn vrouw, mijn fysieke gesteldheid, het kinderopvangcentrum, het vision quest team, de vakantie en al mijn dierbare sjamanistische voorwerpen. Op al die terreinen verandering. Werd dit nu veroorzaakt door coyote? Ik denk niet dat coyote de kracht is waardoor dit allemaal gebeurde, maar dat hij wel een soort aankondiger is. Als coyote in je leven komt dan worden patronen doorbroken, dan staat je leven op z’n kop. Dan is er vernieuwing aan de orde. Maar dat al deze veranderingen plaats vonden vlak nadat ik coyote in het centrum had geplaatst en wel vijf jaar nadat iets anders in het centrum had gelegen, noem ik wel een verschijnsel van “hogere magie”.

Het begon allemaal met de vraag hoe te verankeren in de alledaagse wereld. Een betere leerschool dan wat in dat jaar heeft plaats gevonden had er niet kunnen zijn. Er werd permanent gevraagd om “mee te gaan met dat wat is”, met datgene wat aandacht vroeg. In het hier en nu blijven heet dat ook wel. En dat is nu precies de essentie van “zijn in de alledaagse wereld”. De teachings van coyote konden niet duidelijker en behulpzamer zijn. Bovendien bleken veel veranderingen ook verbeteringen. Ik had nu bijvoorbeeld goede ICT apparaten, een mooier huis, waar ik blij mee was, een mooiere tuin, waar ik ook blij mee was. En waar de vernieuwingen verder over gingen, dat was afwachten.

Het werd tijd om aan mijn boek te schrijven!

13. De wonderbaarlijke verschijning van dieren.

Het was oktober 2013. De vision quest was in haar tweede dag. Zes questers bevonden zich in eenzame afzondering ergens op het terrein, vastend. Wij trommelden, zongen en baden om hen te ondersteunen. We zaten voor het huis, vóór ons eerst veel grind, dan de helling met groene struiken. Tijdens dat trommelen had Marja beelden/informatie door gekregen voor alle zes. We bespraken wat ze er mee moest. Normaliter maken wij geen contact met de questers. We respecteren hun afzondering. Maar waarom had Marja deze beelden door gekregen? Ik vroeg haar mij eerst maar eens te vertellen wat ze had gezien. Ze vertelde alle zes de beelden. Er was er één bij waarin ze een slangenritueel had gezien. Alsof de quester in een ritueel haar oude huid moest afschudden. Zoals slangen dat doen. Ik luisterde en liet het op me inwerken. Bij haar verhaal over het slangenritueel bekroop me een gevoel van urgentie. Ik vertelde het haar: “Dat slangenritueel, dat voelt urgent voor me.” Op dat moment kwam uit het groen tegenover ons een slang van wel 1 ½ meter lengte. Ze glijdt over het grind, naar het huis, gaat vlak voor ons langs en bij het huis kruipt ze onder kisten die daar staan. Wij zijn sprakeloos. Het is de vijfde keer dat we een vision quest doen hier in Zuid-Spanje. Geen enkele keer hebben Marja of ik een slang gezien. Twee keer heeft een quester er een gezien. Ik zeg altijd tegen deelnemers aan een quest dat ze niet bang hoeven te zijn, dat dieren feilloos door hebben als er mensen in de buurt zijn en dat ze dan heel snel weggaan. Nu niet, terwijl wij zitten te praten komt hij gewoon langs. Een beter voorbeeld van synchroniciteit kan je niet geven.

Maar wat mij bezig houdt: hoe werkt dit? Dit is toch magisch. Het lijkt erop dat de slang en wij in hetzelfde energieveld zitten, dat ook de slang de urgentie voelt of in ieder geval het slangenritueel opvangt. Op wat voor manier dan ook. En vanuit “slangen”intuitie weet dat hij ons moet laten weten dat het slangenritueel belangrijk is. Er is dus een soort “gesprek”, een soort communicatie tussen mens en dier mogelijk. Iets wat traditionele volken allang wisten en ons allang hebben verteld.

Er zijn natuurlijk veel mensen die weet hebben van deze communicatie. Veel mensen waar dieren aan verschenen op exact het juiste moment en voor wie hun verschijnen betekenis heeft. Voor ons betekende het: dat we het ritueel moesten doorgeven aan de quester. De slang bevestigde de urgentie ervan.

Ik zelf heb al veel voorbeelden gegeven van het verschijnen van dieren in mijn leven. En altijd had het betekenis voor mij. Natuurlijk zeggen sceptici: je verzint er een betekenis bij. Maar het mooie vind ik – en dat is heel duidelijk in dit voorbeeld – dat het van buiten komt. Marja en ik verzonnen de slang niet. De slang kwam langs, op een heel ongewone manier, terwijl wij zaten te praten, langs ons heen en richting huis ging, in plaats van er snel van weg. Een opeenstapeling van onwaarschijnlijkheden. Als je nu nog volhardt en denkt dat het louter toeval is, maakt dat je meer tot een “gelovige” dan degene die de synchroniciteit ziet.

Het opvallende is ook dat het een gebeurtenis in de buitenwereld betreft. Vaak hoor je de opmerking: “je verzint het” of “verzin ik het of niet?”. Maar deze slang verzin je niet. Die zien twee mensen langs komen. Het is een concrete gebeurtenis in de buitenwereld.

14 In de toekomst kijken – kan dat?

Als er iets is magisch is dan is het de mogelijkheid om dingen te zien die zich in de toekomst gaan afspelen en dat dan ook doen.

Voorspellende dromen

Eén van de meest bijzondere fenomenen zijn voorspellende dromen. Daar zijn veel voorbeelden van. Ik heb samen gewerkt met een vrouw die voorspellende dromen had. Niet vaak. Zo nu en dan. Over personen die gingen sterven. Maar ook heel gewone. Toen ik mijn eerste training ging doen wist ik natuurlijk niet of er voldoende deelnemers zouden zijn. Zij droomde dat er een groep was en dat daar een beeldend kunstenaar bij was. Dat gebeurde ook. Van die beeldende kunstenares heb ik nog twee keer een beeld gekocht en ze heeft twee vision quests bij me gedaan.

Een andere keer was ze op vakantie in Argentinië, bij vrienden. Op een nacht droomde ze dat er een condor uit de lucht viel. Dood op de grond. De volgende dag maakten ze een trip per auto door een natuurgebied. Plots zag ze langs de kant van de weg een dode condor liggen. Ze stopten, ze is uitgestapt en heeft een aantal condorveren mee genomen. Dat is ten strengste verboden, maar het lukte ze mee te nemen naar Nederland en ze heeft er mij één van gegeven. Het is al heel zeldzaam om een dode condor te vinden. Net als in Amerika. Wie vindt er nu een dode adelaar? Maar bij haar gebeurde het en dat op de dag na de droom. Een onwaarschijnlijk verhaal.

Ze had ook een paar keer een droom gehad waarbij iemand, die nog in leven was overleed. Ze wist niet wat ze met die dromen aan moest. Moest ze de persoon gaan waarschuwen? Wat was de bedoeling van zo’n droom? Het enige voordeel was: ze was voorbereid, het was voor haar geen onverwachte gebeurtenis meer.

Haar man was een zeer nuchtere wijkagent en moest niets hebben van dit soort dingen. Maar uiteindelijk moest hij toegeven dat het bestaat. Hij kon er niet meer omheen. Ze droomde dingen, die uitkwamen. Zo simpel was het.

Sceptici zeggen vaak: ja, het is logisch als er iemand ziek is dan je dan droomt dat die persoon overlijd. Zo kan ik ook de toekomst voorspellen. Maar het dat is lang niet altijd het geval.

Een voorbeeld is een vrouw die bij me kwam voor een privé-consult. Ze was hoog gevoelig en had daar problemen mee. Ze zag, voelde dingen en wist niet wat ze daarmee aan moest doen. Een van de voorbeelden die ze gaf was dat haar vader erg ziek was geweest. Men vreesde voor zijn leven. Op een nacht kreeg ze een droom waarbij ze gewaarschuwd werd voor het overlijden van haar moeder. En dat gebeurde ook. Korte tijd later overleed haar moeder, niet haar vader.

Maar ook uit onverdachte hoek. Op de t.v. was een programma over een man wiens vader tijdens de tweede wereldoorlog op een onderzeeër werkte, die verdween. Hij werd nooit gevonden. 30 jaar later droomde de man plotseling van de onderzeeër. Korte tijd later werd bekend dat de onderzeeër bij toeval was gevonden.

Zelf overkomt het me op verschillende manieren, die weer heel anders zijn dat de voorbeelden die ik hierboven heb gegeven.

Eenmalige voorspelling

Sinds 2002 organiseer en begeleid ik vision quests. Een belangrijk onderdeel daarvan is de spiegeling van het verhaal van de belevenissen van de quester als die weer terug is in het basiskamp.

Zo ook, in dat jaar, 2011 in Noord Frankrijk. Els was de laatste die haar verhaal deed. Het was een mooi en indrukwekkend verhaal. Nadat ik haar verhaal op me in had laten werken gaf ik mijn spiegeling. Zoals vaak, in een soort flow en ik eindigde met de zinnen: “Wat kunnen wij veel van jou leren; wat kan ik veel van jou leren”. Zelf was ik wat verbouwereerd over deze slotzin. Ik vond het op zich wel een heel mooi einde van de acht verhalen en de acht spiegelingen. Maar ik had en heb later ook nooit meer deze mooie zinnen gezegd. Eigenlijk hechte ik er niet meer betekenis aan dan dat het een boeiende en leerzame quest was geweest. Ik leer natuurlijk permanent van alle verhalen van questers, dat is een van de vele mooie kanten van mijn werk, maar dit keer was het bijzonder geweest.

Els was beeldend kunstenares, woonde en werkte in den Haag. Maar ze had een man ontmoet en niet lang na de vision quest rouwde ze met hem en ging in Rotterdam wonen. Dat bleek niet ver van mij vandaan. Daardoor hadden we zo nu en dan contact en werden bevriend. Ze bleek al jaren een praktijk voor tarot te hebben. Dat boeide me. Ik wilde daar wel iets meer over weten. Ik besloot de basiscursus bij haar te doen. Dat heb ik geweten! De tarot met z’n vele lagen, z’n reis van de held, de koninklijke familie, zijn grote en kleine arcana, zijn kwartetten en levenscyclus, ik vond het fascinerend en het heeft me sindsdien niet meer los gelaten. Dus ik heb veel cursussen bij Els gevolgd, maar ook privé sessies bij haar gedaan en omdat ik een groot netwerk had waren er veel mensen, waarvoor ik een tarotlegging kon doen. Dat vroeg weer om supervisie bij haar. Zij deed het op een bijzondere manier. Ze had een goede basis want ze was ook Jungiaans therapeut. Ze vroeg veel vroeg goed door. Dus ze kwam niet meteen met een duiding, maar met vragen. Dus ik heb erg veel van haar geleerd. Toen, in 2011 wist ik niet dat mijn uitspraak zo profetisch was. Ik heb me er later vaak over verwonderd.

Rupert Sheldrake vraagt zich af of de moderne mens deze mogelijkheid is verleerd. Maar ik denk dat ook de moderne mens in de een en twintigste eeuw toegang kan krijgen tot dit fenomeen. De hierboven gegeven voorbeelden laten dat zien.

Het laten boven komen van namen voor vision quest plekken heeft twee curieuze aspecten. De ene is dat er een naam boven komt zonder dat je weet wie op die plek komt. Het andere aspect is dat het een weten is van iets dat zich in de toekomst manifesteert. Ook hieruit lijkt de toekomst dus te kennen. Hoe zit dit in elkaar? Hoe werkt dit?

  1. Het kleine Volk

In Vruchtbare Aarde editie, 4-2014 staat een artikel onder de titel” de olm van Bunlahy”. Het artikel gaat over het bestaan van elfen, elementalen e.d., kortom het bestaan van “het kleine volk”.

In het seizoen 2013-2014 was ik gastdocent op een jaartraining sjamanisme bij de Hof van Axen in Drenthe. De jaartraining bestond uit 8 weekenden. Ik verzorgde er twee van. Maar er was ook een weekend over natuurgeesten, verzorgd door Marjan Tabak. Zij was geïnteresseerd in mijn weekend en ik wilde nu wel eens natuurgeesten ontmoeten. Dus we besloten elkaars weekend te volgen. Voor mij was het een mooi weekend met veel inzichten en mooie ervaringen. Maar ik heb ook uren bij een meertje zitten wachten op elfen, kabouters, gnomen en wat zich maar aan mij wilde tonen: niets! Ik begreep wel dat ik de verkeerde houding had. Ik wilde te graag en verwachtte te veel en vooral te concreet. Zo werkt dat niet bij natuurvolken. Helaas. Sommige mensen zien ze. Voor mij bleef het een raadsel.

Ruim drie maanden later begeleidde ik een vision quest in Zuid-Frankrijk. Op een nacht werd ik wakker en slaperig werd ik me bewust van kleine steken in mijn benen en armen. Eerst dacht ik dat het een mug was, veegde die weg, maar er was niets. Toen dacht ik: oh mieren! Ik veegde ook die weg, maar nog steeds was er niets. En het waren kleine steken op vele plaatsen tegelijk. Het was een gevoel alsof ik wakker gemaakt werd. En plots viel het kwartje: het kleine volk! Daarna volgden een aantal uren van grote helderheid en vele inzichten. Waardevolle, mooie uren. Toen sliep ik weer in. Een paar dagen later kwam ik terug van een ronde tijdens de vision quest. Plotseling werd mijn aandacht getrokken door een mansgrote steen. Ik voelde dat ik er op moest gaan zitten. En toen ik er op geklauterd was en er rustig op zat waren ze er plotseling. Kleine wezentjes, die vrolijk ronddansten en sprongen. Ik zag ze niet, maar was me zeer bewust van hun aanwezigheid. Ze hadden een boodschap voor me. Heel duidelijk. Ik moest iets doen dat ik niet van plan was geweest. Er werd me gezegd met wie ik in de toekomst de vision quest moest gaan doen. Met wie ik moest gaan samen werken. En dat lieten ze weten in niet mis te verstane woorden. Ik heb hun raad nog die middag opgevolgd.

Weer drie maanden later was ik voor een vijfdaagse training in een spiritueel centrum in Drenthe. Het bleek een training te worden met heel intense ervaringen voor de deelnemers. Op vier van de middagen moest een wandeling gemaakt worden van anderhalf uur. De eerste middag maakte je een “kindwandeling”, de tweede een puberwandeling, daarna de volwassene en tenslotte wandelde je met je wijze zelf. Ik bleef achter in de groepsruimte en de tuin van het centrum en bleef al die tijd trommelen en zingen. Dat doe ik altijd ter ondersteuning van de wandelaars. Ik stond aan de tuinkant waar volgens zeggen de “deva” zich bevond. Op twee middagen heeft de deva zich tot mij gewend. Ik kreeg als het ware een boodschap door voor de beheerder van het centrum. De deva was kwaad en voelde zich te kort gedaan. Ongemerkt had de Lakota traditie een centrale plaats verworven in het centrum. Ik moest de beheerder laten weten dat de deva wilde dat haar primaat weer werd hersteld en geëerd. Toen ik deze boodschap vertelde bleek de beheerder ervoor open te staan en de wens van de deva te willen inwilligen. De dag erna wendde de deva zich echter opnieuw tot me. Ik moest nu mee helpen de deva energie weer als een koepel over het centrum te verspreiden. Dat was een intense activiteit met veel trommelen en zingen, maar ik had wel de ervaring dat uiteindelijk er een nieuwe energie koepel zich over het centrum had gevormd.

Voor mij was dit allemaal totaal nieuw, voor mijn deelname aan deze training in Drenthe had ik nog nauwelijks van een deva gehoord, laat staan ontmoet. Het geheel had nog een bizar kantje, het jaar ervoor was op de open dag van het centrum de tipi afgebrand. Bij uitstek een symbool van de Lakota traditie. Niemand had het toen begrepen, maar duidelijk kom de boodschap eigenlijk niet zijn. Geen primaat voor de Lakota traditie in dit centrum. Voor mij waren dit geen vage, zweverige ervaringen. Voor mij waren deze ervaringen erg intens. Het contact met de deva en haar boodschappen heel duidelijk en helder.

In de vision quests is tot nu toe het kleine volk nauwelijks aanwezig geweest tot een paar jaar geleden tijdens een quest in noord Frankrijk er plotseling drie questers waren, die verhaalden van een ontmoeting met iemand van het kleien volk tijdens hun vierdaagse verblijf in afzondering in de natuur. Eén iemand had het bijv. over een klein vrouwtje, dat ze bij een boom zag zitten en duidelijk ergens naar toe wees. Ze had een boodschap voor deze quester. Nog twee deelnemers kregen, onafhankelijk van elkaar boodschappen van het kleine volk.

Bij een volgende quest in zuid Frankrijk vertelde iemand met het kleine volk gedanst te hebben en dat was erg vrolijk en speels geweest.

En ja, voor mij bestaat het kleine volk dus. Maar ze zullen zich uitsluitend tonen als je er open voor staat en de omstandigheden gunstig zijn. En ze zullen zich tonen op een manier die misschien wel anders is dan je verwacht.

Wij hebben een gezegde: “eerst zien en dan geloven”. Fools Crow, een van de grootste medicijnmannen van de Lakota zegt: Nee, “eerst geloven, dan zien”. In andere woorden: als je de deur dicht houdt zal je niet zien wat er daarbuiten is.

16 “Bezeten worden” en het wonderlijke fenomeen van Mediumschap

Een van de meest twijfelachtige magische ervaringen is, wat in de volksmond “bezeten worden” wordt genoemd. Het klinkt dramatisch en soms is dat ook zo. En het kan zich voordoen in allerlei intensiteiten.

Sjamanistisch gezien is het fenomeen bekend uit Afrika en heeft het een dubieus imago vanuit de Voodoo. Berucht is het uit de psychiatrische praktijk. Mensen kunnen bezeten worden door kwade krachten die hun afschuwelijke dingen laten doen. Tot moord aan toe.

Over dergelijke vergaande vormen van bezetenheid wil ik het niet hebben. Dat laat ik aan de deskundigen over.

Er is voor mij ook en verschil tussen “overgenomen” worden door een vreemde energie en een vreemde energie in je voelen komen. Ik heb alleen ervaring met dit laatste fenomeen.

Als je kijkt naar de verschillende sjamanistische vormen in de wereld dan is er een verschil tussen een sjamanistische trance in Afrika en trance in de meeste andere delen van de wereld. Als ik een sjamanistische reis maak dan kom ik door trommelen en zingen in een lichte trance. Ik reis dan in een andere werkelijkheid maar ben me nog goed bewust van mijn omgeving. Dat is bij de meeste sjamanistische tradities zo. In Afrika is het anders. Dan komt er een geest in de “sangoma” (zoals de sjamaan, de medicijnman wordt aangeduid) en neemt hem/haar over. De sangoma is zich dan niet meer bewust van zijn of haar omgeving en heeft later geen herinneringen meer aan de ervaringen tijdens de sjamanistische reis.

Maar ken je dat? Je bent ergens en plotseling voel je een vreemde energie in je komen. Duidelijk een energie van buiten.

Mij overkwam het voor de eerste keer toen ik een jaar met sjamanisme bezig was en meedeed met een zomerweek in Zuid- Frankrijk, getiteld: de “Lodge of the Ancestors”. Oftewel: het voorouderveld.

Centraal stond in die week een tipi, waarin de voorouders waren uitgenodigd. De deelnemers aan de zomerweek werden uitgenodigd daar enkele keren gedurende twee uur in te zijn. In die tipi gebeurden in die week vele magische dingen en er waren veel magische ontmoetingen. De eerste keer dat ik er twee uur in verbleef voelde ik plotseling een energie in mij komen. Het was een hele duidelijke, heldere ervaring. Dit was niet mijn energie. Dit was een energie van buiten die in mij kwam. En het merkwaardige was dat ik de energie ook onmiddellijk herkende. Het was een Hopi Kashina met de naam “Kölkamanna”. Op zich was dat niet zo verwonderlijk, want daar hadden we in een groepsbijeenkomst over gesproken. Maar Kölkamanna had ook boodschappen voor mij. Eén daarvan was dat als ik terug was in Rotterdam, waar ik woon, ik naar een bepaalde winkel moest gaan (Ega Wen), daar een speksteen-ei moest kopen en daar vervolgens gedurende een jaar iedere ochtend na het wakker worden een ritueel mee moest doen. Ik zag heel duidelijk een bruin gespikkeld ei van speksteen voor me. Ik was nog nooit in die winkel geweest en natuurlijk, zodra ik weer terug was, ging ik er meteen naar toe, deed de deur open en het eerste wat ik zag was, op de grond voor me, een mand met speksteen eieren en “mijn” ei lag daarbij. Ik heb het gekocht en een jaar lang iedere dag het ritueel gedaan.

Het bleef die week niet bij deze ene ervaring. Aan de training nam ook een Française deel: Francoise. Zij was erg begaan met een oud-grootmoeder van haar, die ze alleen kende uit verhalen. Deze vrouw was door haar familie verstoten omdat ze speciale gaven had en daarom als een soort heks werd beschouwd. Francoise voelde een sterk verlangen om haar eerherstel te geven. Ze had het gevoel dat de ziel van haar oud-grootmoeder nog op onze wereld was, hier nog rond dwaalde en niet vrij was.

In deze week werkte iedereen aan grote thema’s uit zijn of haar leven. Bij mij was dat o.a. mijn vader. Die was vroeg overleden en ik had deze week gekozen om een nacht wakker te blijven, buiten in de natuur te zijn en te kijken of ik contact met hem kon krijgen of in ieder geval me dingen kon herinneren. Na deze nacht deed de groep een ritueel bij een steencirkel, oftewel een medicijnwiel. Ik was te moe om mee te doen en zat buiten de cirkel ergens langs de kant toe te kijken. Een medicijnwiel bestaat uit stenen en heeft de vorm van een wiel. Eén steen ligt in het midden voor het heilige centrum. Dan liggen er vier maal drie stenen als spaken, die dus een lijn naar buiten maken en tenslotte liggen twaalf stenen in een cirkel als de band van het wiel. Het wiel is voor de indianen een afbeelding van de kosmos, van het leven.

Na het ritueel ging iedereen weg en bleef ik alleen achter. Plotseling werd ik helemaal wakker geschud en voelde een vreemde energie in mij komen. En ook nu wist ik van wie die energie was. Het was die oud-grootmoeder van Francoise. In mijn geluid en bewegingen liet ik mij leiden door de energie.

Ik kreeg ook een sterke neiging mijn armen te gaan bewegen, de behoefte om geluid te maken en steeds meer te bewegen. De bewegingen voelden alsof ik een energie naar het centrum van het wiel stuurde. Het voelde alsof ik gestuurd werd. Het ging allemaal vanzelf, alsof ik er geen zeggenschap over had. Ik maakte niet mijn eigen geluid. Maar het leek het geluid van een oude vrouw.

Het ging naar een soort climax. Plotseling kwam er een soort schreeuw uit me. Het voelde alsof deze bewegingen en geluiden voldoende waren geweest. De energie sprong uit mij naar het midden van de steen cirkel. Maar ik moest doorgaan. Ik bleef intens verbonden met de energie. Zowel de energie als mijn geluid veranderden. Ik maakte bewegingen, die er op leken de energie de lucht in te sturen. En ook toen kwam er opnieuw een moment van een climax. Dat het voelde dat ook dit voldoende gebeurd was. In mijn beleving schoot de energie de lucht in, vloog richting zon en ik voelde een soort van bevrijding. Het was voorbij.

Ik was weer helemaal mezelf. Maar de ervaring maakte grote indruk op me. Niet eerder had ik zoiets mee gemaakt. Later op de dag waren we weer als groep bij elkaar. De begeleider (Daan van Kampenhout) en Francoise waren die middag samen naar een plek gegaan waar ook zij een ritueel hadden gedaan. Daan vertelde dat Francoise tijdens dit ritueel gevoeld had dat het o.k. was met haar oud-grootmoeder. Dat zij ”door” was en niet meer aanwezig in onze wereld. Ik was nog meer onder de indruk. Mijn ervaring werd dus bevestigd. Weer een indrukwekkende synchroniciteit.

Maar de meest indrukwekkende ervaring op dit gebied overkwam mij tijdens weer een andere sjamanistische week bij Daan van Kampenhout in Zuid-Frankrijk.
Er was op een heuvel een kleine afgeschermde plek van twee bij twee meter, waar mensen in shifts verbleven. Het was een heilige ruimte, een focus punt van energie. Ik had ook een shift en zat daar rustig, met prachtig uitzicht over de verre Cevennen. Toen ik plotseling overvallen werd door een energie. Ik voelde heel concreet een vreemde energie in me komen. En raar genoeg wist ik ook welke energie het was.

Een jaar eerder had ik ook mee gedaan aan een sjamanistische week. Daan had van te voren voor iedereen een sessie gedaan. Bij mijn sessie had hij het gevoel een metalen gezicht te moeten maken en dat had hij ook gedaan en mij opgestuurd. Hij schreef dat het een beeld was van een van de belangrijkste spirits van een volk, de Nganassan, dat leeft in het uiterste noorden van Rusland. Het Siberisch sjamanisme bleek tijdens mijn ontwikkeling op dit pad, een belangrijke inspiratiebron voor me te zijn, samen met het Afrikaanse en Noord-Amerikaanse sjamanisme.

Toen, daar op die heuveltop in Zuid-Frankrijk “wist” ik meteen dat het om deze spirit ging. Dat deze spirit bezit van me nam. Ik ging vreemde gebaren maken en vooral een vreemde taal uitstoten. Een taal die ik niet kende, maar de woorden vormden zich vanzelf. Er waren twee getuigen, die het voorval zich nog steeds goed herinneren en vonden dat ik heel vreemd ging doen.

Voor mij had deze ervaring grote betekenis: het betekende dat ik nu definitief met deze spirit verbonden was. Het betekende dat ik me vanaf nu met deze spirit kon verbinden en hij mijn gids zou zijn in mijn sjamanistische werk. Fools Crow noemt dit een “hollow bone” zijn voor deze spirit. Een kanaal voor zijn energie. Dat deze spirit, die ik de “Great Tunkashila van de Nganassan People” ben gaan noemen via mij kan werken.

Het was een heel intense, diepgaande ervaring, die mij tot in het diepst van mijn ziel raakte. Een ervaring om ook intens dankbaar voor te zijn. Maar ook weer een ervaring waar mijn ratio niets van begreep, niets mee kon.

Nu nog een paar voorbeelden uit mijn praktijk.

Iemand werd al meer dan 15 jaar lastig gevallen door stemmen die haar uitscholden. Ze vroeg mij om hulp.
Voor mij is er dan wel een reden dat dit gebeurt. In dit geval bleek mij, na een aantal sessies, dat de persoon zich altijd met het licht probeerde te verbinden. Ze had het donker uit haar leven geweerd. Ook als ze naar vroeger keek: alles was goed, met al het moeilijke had ze zich verzoend, iedereen vergeven e.d.. Nu was er alleen maar licht. Maar dat kan natuurlijk niet. In de cycli van de natuur wisselen licht en donker elkaar af. Beide zijn nodig. Alle leven begint in het donker (in de baarmoeder, als zaadje onder de grond). Nu had het donker een andere weg gevonden om zich in haar leven te manifesteren. Via stemmen.

Een ander voorbeeld gaat over een eveneens jonge persoon die werd “overgenomen” door stemmen en dan dingen deed waarvan hij later geen weet had. Hij werd kwaad, agressief en deed dingen die niet bij hem pasten.
Ook bij deze jongen speelde zijn verleden een rol. Mij werd verteld – en ik kreeg er later ook beelden over – dat zijn moeder lange tijd in een ziekenhuis had gelegen toen hij nog een kleuter was. Hij moest toen naar zijn oma toe, wat ook betekende dat hij gescheiden werd van hun hondje, waar hij een sterke band mee had en die hem in zekere zin beschermde. Dus op twee manieren was plotseling zijn bescherming weg. Zijn moeder en dat hondje. Dat moet toen traumatisch zijn geweest. Daardoor kom hij zichzelf niet meer goed beschermen en konden energieën van buiten makkelijk vat op hem krijgen.

Het fenomeen Mediumschap

En dan is er het fenomeen Mediumschap. Het volgende verhaal speelt zich af in Hilversum. Daar woonde mijn zus. Zij ging daar regelmatig naar bijeenkomsten van een medium. Die staat voor een zaal vol met geïnteresseerden en krijgt dan boodschappen door voor mensen die in de zaal zitten. Mijn zus wordt daardoor gefascineerd, maar bleef buiten schot. Tot op een avond er plotseling iemand van “andere zijde” voor haar was. Het medium vertelde een aantal dingen over die persoon en het leek mijn vroeg overleden vader te zijn. Die had drie boodschappen. Eén voor mijn zus. Dat ze goed voor zichzelf moest zorgen. Dat was een schot voor open doel. Ze werd namelijk al lange tijd geteisterd door spierreuma. Het is overigens een advies dat op veel mensen van toepassing zou kunnen zijn. Dan kwam er via het medium nog een opmerking dat er veel in de tuin gewerkt werd en dat het goed was. Ik heb één broer en één zus en mijn broer had veel in de tuin van mijn zus gewerkt, omdat ze dat door de spierreuma niet zelf kon. Tenslotte vertelde de persoon “aan gene zijde” dat hij wist dat er in de familie een boek geschreven was en wilde laten weten dat hij daar mee instemde. Het was een paar maanden nadat mijn boek was uitgekomen.

Mijn vader bleek voor ons alle drie een boodschap te hebben, waarbij die voor mij het meest frappant is. Want de kans dat een boodschap over een boek van toepassing is, is wel heel klein.

Een interessante vraag is: manifesteerde een overledene zich daadwerkelijk hier via het medium of is er een veld waarin alle informatie beschikbaar is en heeft een medium de gave toegang tot dat veld te hebben en daar heel specifieke informatie uit te tappen. Hoe dan ook, magisch is het wel.

17.  Dolende zielen en contact met overledenen

Veel mensen zijn ervan overtuigd dat ze de aanwezigheid van een overledene voelen. Sceptici zeggen dan al snel: “oh, dat is omdat je iemand heel erg mist en dan gaat je fantasie met je op de loop”.

Maar zit het wel zo simpel in elkaar? Wat zijn mijn ervaringen hiermee?

Zo nu en dan kreeg ik thuis in Rotterdam het gevoel, het inzicht, dat ik zielen moest door geleiden. En ik had ook een duidelijk besef waar. Om de een of andere reden (geen idee waarom) moest ik naar het natuurgebied Kampina bij Oisterwijk. Een van mijn favoriete natuurgebieden in Nederland. Ik ging ernaar toe, wandelde er rond en werd als het ware geleid naar een paadje dat van een groter pad afleidde, een heuvel op en uitkwam bij een prachtig ven. Bovenop de heuvel was een boomgroep van een stuk of tien grote, sterke bomen. Daar moest ik mijn ritueel doen. Nadat ik met het ritueel begonnen was voelde ik een vreemde energie in me, kreeg daar ook beelden bij van mensen die ik niet kende en leidde hun “ziel” door. Zo voelde het voor mij althans. Dit heb ik een paar jaar, zo twee keer per jaar gedaan. Toen ik er op een keer weer naar toe ging lag op de splitsing waar ik van het pad af ging naar het ven toe, een dode kraai. Dat leek me wel een teken. Want ik wandelde regelmatig in dit gebied en had er nog nooit een dode kraai gezien. En nu hier, speciaal op deze plek. Op deze splitsing. Toen ik boven kwam stokte mijn adem. Mijn boomgroep was er niet meer. Alles was nog in tact, alleen al mijn bomen waren omgezaagd! Voor mij betekende dit het einde van mijn ritueel om zielen door te geleiden. Ik heb het nooit meer gedaan. Het hoorde blijkbaar bij een bepaalde periode in mijn leven. Waarom weet ik niet.

Een voorbeeld uit mijn praktijk.

Een jonge vrouw van achttien jaar was naar mij door verwezen. Haar vader kwam met haar mee. Haar klacht: ze kon niet slapen. Als ze naar bed ging had ze altijd het gevoel dat er iemand achter haar aan de trap op liep. Dat voelde heel angstig. ’s Nachts bleef ze bang en sliep slecht. De vraag was of ik iets voor haar kon doen. Dat wilde ik wel proberen.

In mijn geval betekent dat: trommelen op mijn sjamanentrommel en geluid maken, zingen. Ik kom dan in een lichte trance. Vervolgens verbind ik me energetisch met haar. In die lichte trance krijg ik beelden en /of ervaringen. In dit geval werd ik op een gegeven moment erg benauwd. Ik dacht dat ik zou stikken. Het was een heftige ervaring. Toen ik er met haar en met haar vader over sprak vertelde hij dat vlak voor haar geboorte haar oma was overleden. Zij was overleden aan longkanker, een heel benauwde dood. En ze had ook erg graag de geboorte van haar kleinkind willen meemaken. Voor mij betekende deze informatie dat haar oma een, wat ik noem, dolende ziel was. Dat wil zeggen dat de geest/ziel/energie van haar grootmoeder nog aanwezig was en zich nog aan haar vastklampte.

Ik heb toen een ritueel gedaan waarbij ik me met de energie van de oma heb verbonden en deze energie in mijn perceptie naar het licht stuurde. Het ritueel was succesvol want enige maanden later belde ze dat het sinds de sessie veel beter met haar ging.

Ik kon dit ritueel van het “doorgeleiden” van een dolende ziel doen omdat ik daar al eerder ervaringen mee had gehad. Ervaringen die mijn wereldbeeld totaal hadden veranderd. Er waren eerder energieën van onbekende mensen “in mij” gekomen. En door geluiden en bewegingen te maken had ik deze personen door kunnen leiden naar een andere dimensie.

Ik heb ooit tijdens een lezing de vraag gesteld: “Wie van u heeft wel eens het idee gehad de aanwezigheid van een overledene te voelen? “. Twee derde van de zaal stak de hand op.

Het is opvallend hoeveel mensen contact denken te hebben met overledenen. Natuurlijk, bij zo ’n lezing zijn mensen aanwezig die spiritueel geïnspireerd zijn. Maar ik kom het ook tegen bij mensen die dat niet zijn. Die hebben soms contact zonder dat ze het zich bewust zijn. Om dit te verduidelijken wil ik ook hier enkele voorbeelden van geven.

Een van mijn activiteiten is dat ik trainingen geef aan mensen uit het bedrijfsleven. Op een keer gaf ik zo ’n training aan een groep van veertien deelnemers.

Ter voorbereiding van de training wordt deelnemers gevraagd een wandeling van één á anderhalf uur te maken. Maar wel een wandeling op een speciale manier: een rituele wandeling. Aan het begin van de wandeling creëer je een (denkbeeldige) poort. Dit kan het begin van een pad zijn, een hekje, een opvallende boom of steen e.d.. Je loopt daar bewust door heen. En dan begint deze rituele wandeling, ik noem dat: “sacred space, sacred time”. Na één of anderhalf uur stap je weer door een dergelijke poort. Daarmee eindigt de rituele wandeling. Mijn ervaring is dat wat er tijdens zo ’n wandeling gebeurt betekenis heeft, aspecten van je leven kan verduidelijken. Heel anders dan een gewone wandeling.

In de groep was een deelnemer die me vertelde dat hij nogal sceptisch stond tegenover het geheel. Hij vond zichzelf daar te nuchter voor. Nou, prima natuurlijk. Daarna vertelde hij over zijn questwandeling. Hij had die tijdens zijn wintersport vakantie gedaan. Daarbij was hij op een gegeven moment op een soort bergriggel gekomen en werd gefascineerd door het uitzicht. Hij ging daar zitten en vertelde dat het steil en eigenlijk gevaarlijk was. “Maar” zei hij, “ik was niet bang, want ik voelde dat mijn overleden vader me aan de ene schouder vasthield en mijn overleden moeder me aan de andere”. Toch heel bijzonder voor iemand die zichzelf sceptisch noemt. Hij was zich niet bewust dat hij eigenlijk iets heel bijzonders vertelde. Voor hem was het gewoon een ervaring.

Iemand anders vertelde over haar wandeling dat ze een tijd naar een oude grijze kraai had staan kijken. Dat intrigeerde me, want een oude, grijze kraai, zie ik die wel eens? Kan ik zien of een kraai oud is en zie ik wel eens een grijze kraai?

Dus ik praatte er verder met haar over. Ik had zelf het gevoel dat die kraai wel eens belangrijk voor haar kon zijn. Ik raadde haar aan om te proberen contact met die kraai te zoeken. Oh, zei ze heel laconiek: ”dat is oom Gijsbert, die is er vaak”. Ook zij gaf de indruk dat het over de gewoonste zaak van de wereld ging.

Dit zijn voorbeelden van mensen, die niet bezig zijn met spiritualiteit en zich eigenlijk niet bewust waren van het feit dat ze iets “magisch” meemaakten. Nee, het was zo gewoon dat ze er niet bij stil stonden. En ik kan nog veel meer vergelijkbare voorbeelden vertellen.

Hoe het allemaal precies in elkaar zit weet ik niet, maar de ervaringen zijn op z’n minst heel intrigerend en roepen op tot openheid. Er is een andere perceptie van de werkelijkheid mogelijk. En die andere perceptie is erg waardevol en kan je leven verrijken.

18. Meerdere persoonlijkheden

Het meest bizarre wat ik ooit heb mee gemaakt speelde zich af tijdens een trainingsweekend met een Canadese sjamaan. In dat weekend openden zich nieuwe werelden, terwijl ik vanuit mijn sjamanistische praktijk toch wel het een en ander gewend was. Op een gegeven moment deed bijvoorbeeld de vraag zich voor wie van deze wereld is en wie van de sterren komt. Ik moet toegeven dat ik me dat nog nooit had afgevraagd. In een soort geheime stemming kon iedere deelnemer laten weten waar die dacht vandaan te komen. Het resultaat was dat een meerderheid dacht van de sterren te komen. Ik behoorde tot een kleine groep die dacht van deze wereld te zijn. Een nieuwe horizon opende zich.

’s Avonds werd het pas echt bizar. We deden als groep het volgende ritueel. Je ging één voor één op een stoel voor een spiegel zitten. De rest van de groep stond om je heen. Dan pakte je een standaard met een brandende kaars en die ging je heel langzaam omhoog bewegen. Terwijl je naar je eigen gezicht in de spiegel bleef kijken. Goed focussen. Wat er toen gebeurde was dat je op een bepaald moment je eigen gezicht zag veranderen. Wel jouw gelaatstrekken, maar duidelijk een heel ander gezicht. Als je dat bleef doen gebeurde dat nog één of twee keer. En zag je dus drie of vier verschillende gezichten van jezelf. En wat het geheel erg bijzonder maakte was dat de meeste deelnemers van de groep, die om je heen stonden het ook zagen. Op het moment dat jij je gezicht zag veranderen hoorde je kreten van verwondering om je heen. En het gebeurde met iedere deelnemer. Dus ik zag het ook toen anderen voor de spiegel zaten en de kaars langzaam bewogen. De idee achter deze ervaring is dat je meerdere persoonlijkheden zou hebben. Een vergaande gedachte die bijna griezelig wordt. Volgens de begeleider is de beroemde schrijver Stephen King een van de mensen die hier het meeste van weet en er in romanvorm over schrijft. Deze begeleider was gepokt en gemazeld in de magische wereld want zijn vader was UFO-onderzoeker. Dus hij had het bestaan van ‘andere werelden’ met de paplepel ingegoten gekregen en was altijd aangemoedigd om datgene wat hij ervaarde serieus te nemen. Niets was te gek.

Het is misschien een opstapje naar een gedachte die inmiddels steeds meer aanhang krijgt. Dat we in de wereld onderweg zijn naar een ander (hoger?) bewustzijnsniveau, waarin de magische wereld voor veel meer mensen toegankelijk is. Het is in ieder geval een oproep om ”open” te staan voor de idee dat er nog veel meer mogelijk is dan wij weten. En daar nieuwsgierig naar te zijn in plaats van het onder de noemer “zweverig” weg te wuiven.

19. Het Veld

Lynne Mac Taggarth besteedt een heel boek aan “het Veld”. Het is duidelijk: niet alleen de kerk is uit, maar ook God of in ieder geval ons oude godsbeeld is uit.

We staan niet alleen aan het begin van een fundamentele verschuiving van een dominantie van ons rationeel/wetenschappelijke wereldbeeld naar een groeiende toegang en invloed van een wat ik maar even “geestelijk” wereldbeeld noem. Met geestelijk, bedoel ik een niet fysiek, niet zintuigelijk waarneembaar wereldbeeld.

In plaats van god, een god, nog erger: een persoonlijk god, komt nu een ander besef in beeld. De ongelooflijke immensiteit van de kosmos, de ongelooflijke gecompliceerdheid van de kosmos, hoe onvoorstelbaar prachtig en ingenieus alles in elkaar zit. Van ons DNA, waar alles uitgroeit en zich op een harmonische wijze uit ontwikkelt, tot de 20 miljard samenwerkende bacteriën in ons lichaam, de aarde met alles er op en er aan, de onnoemelijke veelheid van sterren op zo ’n onbevatbaar verre afstand, de Melkweg en alles in ons immense heelal aan toe. Wie heeft dat gedaan? Wie heeft dat in elkaar gefrutseld?

Je ontkomt niet aan de idee dat er een intelligentie in de kosmos moet zijn, er moet in dit hele kosmische gebeuren een intelligente, regisserende of organiserende kracht aanwezig zijn.

Eén van de toonaangevende ideeën op dit moment is dat alles energie is en dat we onderdeel zijn van een energetisch Veld, een pulserend energetisch Veld. En dat we allen met elkaar verbonden zijn in een energetisch netwerk. Dit energetische netwerk bevat op zich weer een organiserende kracht, een organiserend potentieel.

Misschien wel sinds Aristoteles zijn we de fysieke fenomenen gaan uitpluizen. Reductionistisch onderzoek. We konden steeds verder/kleiner kijken. Het menselijk lichaam werd opgedeeld in weefsels en organen, die werden spieren en zenuwen e.d., spieren werden cellen, cellen chromosomen, chromosomen genen, een gen werd DNA, DNA werd eiwitten, eiwitten moleculen, moleculen atomen, atomen neutronen, neutronen werden quarks etc.. Verder ga ik niet want daar weet ik niet genoeg van. De wereld werd op een heel intelligente en knappe manier ontrafeld en veel geheimen werden ontrafeld. Het heeft ons heel veel gebracht op materieel gebied, heel veel comfort en welvaart. Nooit eerder hadden zoveel mensen het zo goed. Het heeft ook een schaduwkant: verwoesting van milieu en uitbuiting van de aarde. De mensheid loopt nu ook in zijn geheel gevaar: kernrampen, kernwapens, onverwachte onomkeerbare gevolgen van klimaatverandering kunnen (grote delen van) de mensheid wegvagen. Nooit eerder in de geschiedenis kon de mensheid zichzelf op zoveel verschillende manieren verwoesten.

Zijn we in staat op tijd in te grijpen?

Veel spirituele mensen denken dat we aan het begin staan van een kentering ten goede. We zouden naar een nieuw bewustzijnsniveau toe gaan.

Een keerpunt lijkt er te zijn in de moderne scheikunde. Peter Schenge noemt in zijn boek “Presence” een intrigerende ontwikkeling. In de moderne scheikunde staat nu de vraag centraal waarom verbindingen ontstaan. In plaats van reductionisme, dus alles in steeds kleinere eenheden uitpluizen, gaat het nu om de vraag naar de oorsprong van verbinding. Waarom vormen eiwitten een DNA-molecuul. En waarom vormen DNA-moleculen een gen en waarom vormen genen een zo ingewikkeld iets als een chromosoom en waarom vormen chromosomen een cel en een cel b.v. een bacterie?

Eén van de mogelijke redenen die Peter Schenge geeft is omdat alles verbonden is in een energetisch Veld en dat energetische Veld heeft een soort kennis, een soort herinnering aan een gen, een chromosoom, een cel e.d.. Dus DNA wordt als het ware uitgenodigd om een gen te gaan vormen, een gen wordt door het Veld uitgenodigd om een chromosoom te gaan vormen etc.. Een intrigerende gedachte want het komt heel dicht in de buurt van wat ik “gegidst worden” noem. Dat het Veld zich intensief bemoeit met mij.

Lynne Mac Taggarth noemt dit Veld “bewustzijn”. Dus: “bewust zijn”. En zijn in de zin van “Presence”, bewust aanwezig. Bewust zijn staat centraal in verschillende spirituele stromingen, b.v. de Advaita Vedanta, die zegt dat álles bewustzijn is. Eckhart Tolle refereert in zijn boek “een nieuwe aarde” aan Descartes beroemde uitspraak: “ik denk, dus ik besta”. Hij wijst er op dat vanaf dat moment er een volledige identificatie ontstond met het ego. Je bent dan je denken. Volgens Tolle was het Jean Paul Sartre die voor het eerst deze uitspraak ter discussie stelde. Volgens Sartre kan het denken dit niet denken. Er is iets anders voor nodig en dat is het bewustzijn. Je kan je bewust worden dat je denkt. Het bewustzijn kan dat, het denken niet. Het bewustzijn neemt waar dat je denkt. Er is dan: “bewust”- “zijn” .En op het moment dat er bewustzijn is ben je aangesloten op het Veld. Want het individuele bewustzijn is onderdeel van het collectieve bewustzijn. Oftewel van het Veld.

Een probleem is, dat ook dit een menselijke term is, misschien is ook dit Veld onbenoembaar. Dat blijft het lastige, de paradox. Je wilt er over praten, maar eigenlijk is het onbenoembaar. Maar goed, als we het dan toch willen verwoorden zeggen we: er is een intelligentie in de kosmos, een wetend Veld, het universum is bewustzijn.

Essentieel is dat alles en iedereen met elkaar verbonden is en dat daardoor al die dingen mogelijk zijn, waarvan de wetenschap zegt dat het onmogelijk is. Einsteins meest beroemde formule: E=mc2 wordt nu zó geïnterpreteerd dat alles uit energie bestaat. Massa is een vorm van energie. Massa bestaat niet op zich. Is geen afzonderlijke fysiek voorwerp, maar is energie die voor het moment een bepaalde vorm heeft aangenomen. Dus er zijn geen twee afzonderlijke elementaire fysische entiteiten, de één materieel en de ander immaterieel, maar slechts één: energie. Maar de aanname dat alles energie is en alles en iedereen onderdeel is van een energie Veld en daarom met elkaar verbonden, geeft een fundamenteel andere kijk op ons bestaan. Het geeft ons een nieuw paradigma. Het geeft ons een nieuwe werkelijkheid waarin plotseling heel veel mogelijk is, wat tot nu toe als onmogelijk wordt beschouwd. Het geeft een verklaring voor alle “natuurwetenschappelijk onmogelijke” dingen die zich in mijn leven desalniettemin voordeden. Het geeft heel veel meer vrijheid en een geheel nieuwe verre horizon. Het geeft ook reden tot optimisme in deze zware tijden.

Er is nog een stap te nemen. Nog een fundamentele, paradigma veranderende stap. En dat noem ik even: “de wijsheid van dit Veld”. Mac Taggarth noemt het “het wetende Veld”. Een Veld b.v., dat zorgt voor al die ongelooflijke synchroniciteit in mijn leven. Maar ook een Veld waardoor ik mij gegidst voel. Dat steeds maar ingrijpt in mijn leven. Een Veld dat zowel onmogelijke dingen in de fysieke wereld laat gebeuren als in de niet fysieke wereld. Fysiek, door b.v. mijn talloze verbijsterende ontmoetingen met dieren of door een adembenemende synchroniciteit van gebeurtenissen die zich allemaal in de buitenwereld afspelen en voor mij betekenis hebben. Steeds weer een soort “wake-up call” . Maar ook in de niet fysieke wereld. Ontmoetingen met overledenen, energieën die plots bezit van me nemen, namen weten van vision quest plekken terwijl ik nog niet weet wie er op die plaats gaat questen. Maar wel een naam die van betekenis blijkt te zijn en herkend wordt door degene die daar uiteindelijk terecht komt voor zijn of haar quest. Of mijn drie inspiratiebronnen. Je kunt ook zeggen: ik ben een soort medium voor drie gidsen. Alsof het Veld weet dat een energie zich in de onzichtbare wereld moet verdichten tot een gids, die op de een of andere manier met mij verbonden is en zich (ten goede) met mijn leven bemoeit.

Dus dat is een hele fundamentele vraag: hoe wetend is dit Veld en hoe bemoeit het zich met mijn leven. Al twintig jaar voel ik mij ten diepste gegidst. Hoe kan dat?

Ik heb zeker niet de pretentie dat ik een antwoord heb op deze meest fundamentele vraag. Maar er is wel een verschijnsel dast ik in dit verband relevant vind. In de natuur lijkt een kracht te zijn, die zorgt dat alles zich optimaal ontplooid. Iedere bloem wordt volledig, binnen haar mogelijkheden een BLOEM. Ieder dier wordt helemaal en optimaal DIER. Alles tracht zich zo volledig en optimaal mogelijk te ontplooien. Net als de seizoenen: na de lente is er ten volle zomer in al haar kracht en pracht. Dit fenomeen, deze kracht zie je ook bij de mens. Waarbij alles al “ingebakken”, aanwezig is zit in ons DNA. En, zoals gezegd is er een kracht die zorgt dat DNA een specifiek gen wordt etc. Maar er is dus ook kennis in het DNA, in het gen, In de cel, die weet dat er b.v. een arm gevormd moet worden, of een been, uiteindelijk de vorm en inhoud van een menselijk lichaam. Er is dus een adembenemend “weten” actief, die zorgt dat we ons zo optimaal mogelijk ontplooien.

Voor mij is het dan geen grote stap meer om te veronderstellen dat er op geestelijk niveau ook zo ’n kracht, zo ’n weten moet zijn. Die kracht zorgt ervoor dat je je geestelijk zo optimaal mogelijk ontplooid. Dat je je “medicin” zo goed mogelijk, zo optimaal mogelijk kan ontwikkelen. Dat zit dus in je. Misschien kennen we dat wel als “ons diepste verlangen”.

Ik zou het onlogisch vinden als de natuur zo in elkaar zit dat we ons alleen fysiek helemaal ontwikkelen, maar niet geestelijk. Vooral niet als we uitgaan van een Veld, een Wetend Veld. Een alles en iedereen met elkaar verbindend wetend energetisch Veld.

De andere vaag die overblijft is: wat is energie? Daarover later.

Ik heb de indruk dat steeds meer mensen toegang hebben tot dit Veld. Gewone mensen, maar ook in het bedrijfsleven, ook in de wetenschap. Dat er in deze tijd een bijna exponentiele toename is van mensen die spirituele ervaringen hebben. En dat er een kenterpunt gaat komen, waarbij dit gedachtengoed gemeengoed gaat worden en ook wetenschap en anderen deze kennis serieus verder gaan ontwikkelen. We hebben vele experts op dit terrein. Zij kunnen de nieuwe goeroes zijn. Het zijn de traditionele volkeren: Aboriginals, Maori’s en Eskimo’s, sangoma’s uit Afrika, volkeren in de Siberie en Mongolië, indianen etc. Zij zijn nog intens verboden met dit Veld, voor hun is het alledaags en volledig geïntegreerd in hun leven. Zij kunnen ons de weg wijzen. Daarnaast zijn er inmiddels ook veel voorlopers in onze eigen westerse wereld. Er is een groot potentieel aanwezig. De kentering kan beginnen! Lezer, je kan er je bijdrage aan leveren. Doe dat, het is urgent! De wereld heeft je nodig!

Zoals in de sjamanistische wereld wordt gezegd: “Give your medicin to the world ”.

[W1]

 

 

 

 

 

 

 

Vision Quest en Sjamanisme voor persoonlijke ontwikkeling